Welkom, reiziger. [Log in] of [registreer je]. [Activerings-mail niet ontvangen?]


home
contact
chat
2
1
1
Stuur bladwijzer

Iemand op de hoogte brengen van dit topic? Iemand vragen om hier een bijdrage te plaatsen? Stuur een bladwijzer!

Als duisternis overheerst  (1072 keer gelezen)

Speeldatum: 7 april 1302 (Midden lente)

0 leden en 1 reiziger bekijken dit verhaal.

« [] : 3 jaar geleden »
Het begon ergens in het einde van haar vijfde schooljaar. Terwijl de bladeren verkleurden, verwelkten en van de bomen afvielen, verdorde er ook iets in Oréwinde's binnenste. En hoewel de lente nu al lang zijn intrede had gemaakt, was er niets opgebloeid in de kruislinge. Met het ontluiken van de lente leek de vroegere Or juist verder weg dan ooit. Ze sloeg regelmatig maaltijden over en deed alleen haar mond open om aggressief "laat me met rust" te snauwen tegen medeleerlingen of om een vraag van een leraar verkeerd te beantwoorden. Soms ging ze na haar lessen uitgeput naar bed en sliep een gat in de dag, maar andere dagen kon ze juist nachtenlang helemaal niet slapen (afgezien van kleine hazenslaapjes met terugkerende nachtmerries). Haar huiswerk stapelde zich op, maar ze had niet de lust om een boek open te slaan. En dan was het continue gevoel van paniek, alsof ze bij elke stap achternagezeten werd door Dribbel. 

Misschien was het allemaal begonnen na de grote ruzie - eerst met Vatinaya en daarna met Eleonora. Oréwinde was toen uit de MOCHA gestapt. De andere twee leden spanden samen tegen haar. Vooral het verraad van Vati maakte Or kwaad: zij hadden samen jarenlang Bumetrel geteisterd. Maar na één klein incidentje was dat allemaal vergeten en koos de luchtelf de kant van de roodharige nimf. Dat bevestigde hoe slecht myrofas te vertrouwen waren. Eerst had Gisèle haar ingeruild voor Dux, daarna was Rhae haar vergeten en nu besloot Vatinaya om aan te pappen met Oréwinde's aardsvijandin. Maar Oréwinde had hen allemaal nooit nodig gehad. Ze had haarzelf leren troosten na de dood van haar vader. Ze was haar eigen steun geweest toen haar moeder haar uit huis had gezet. En nu was er opnieuw niemand naar wie ze toekon.

Of misschien was het er al sinds het begin van de vijfde en had de ruzie alles alleen maar in een stroomversnelling gebracht. Misschien waren de toekomstdromen van haar klasgenoten als startpunt aan te wijzen, die onvermijdelijke gedachtes in het voorlaatste schooljaar. Al haar jaarlaaggenoten waren er opgewonden over: het einde kwam eindelijk in zicht. Was er al een geschikte echtgenoot/echtgenote gevonden? Gingen ze ergens in de leer of hadden ze het voorrecht om door te studeren? Maar Oréwinde vreesde die gedachten. Haar toekomst had haar niets te bieden. Ze was een meisje zonder huwelijksschat en belangrijke afkomst. Een kruislinge nog wel. De kans op een echtgenoot was nihil. Ze had geld noch interesse in een studie en had geen idee hoe ze haar studieschuld ooit terug zou moeten betalen. Of ze haar examens ging halen was ook nog maar de vraag, maar ze had geen kracht om het antwoord te zoeken.         

Oréwinde had zich niet alleen afgesloten van haar toekomst en andere myrofas, maar ook van haar Merifelse identiteit. Ze was niet langer de beruchte merifeller die altijd in was voor een of andere streek. Die positie had Eleonora van haar gekaapt (wat had dat kreng immers niet van haar afgepakt?). Daarmee had die feeks meteen haar beruchte reputatie in één klap weggevaagd. Nu maakte niemand meer angstig plaats voor haar als ze door de gangen liep. Niemand keek meer tegen haar op. Er werden juist ineens heel veel neuzen opgetrokken als ze langsliep (terwijl kruislingen niet anders ruiken dan een andere myrofas). Opeens hoorde ze overal om haar heen gegniffel of zelfs openlijk gelach (omdat iedereen wist dat ze er toch niets tegen kon beginnen). Een enkele keer werd ze, erger nog, met medelijdende blikken bekeken. Médelijden! Daar had Or helemaal geen behoefte aan. 

Maar het boeide haar allemaal niet meer. Aan haar sterk verminderde populariteit besteedde ze geen aandacht. Haar schoolpunten examens maakten haar geen zak uit (ook elixers niet). Welke afdeling er bovenaan stond in de puntentelling interesseerde haar niet. Om de eeuwige strijd van groen tegen het rood en het blauw lachte ze. Allemaal dwazen. Zelfs de blauwe kleur van de leerlingenkamer maakte bij haar geen emotie los. Het enige waar ze nog enige vorm van interesse in toonde waren dodelijke elixers. Ze was geobsedeerd door hun werking en las de weinige boeken die in de bibliotheek beschikbaar waren (waarschijnlijk een fractie van Mocha's privécollectie). Één elixer had ze in de vakantie geprobeerd te maken (de rat die ze een dosis had toegediend leek snel te zijn verouderd, maar dat kon ook haar fantasie zijn). Ze fantaseerde over de werking van de elixers op een bepaalde roodharige.

Op een bepaald moment was Oréwinde begonnen. Ze had ooit per ongeluk een schone glazen fles laten vallen tijdens een les elixers. Ze had de scherven niet weggegooid, maar opgerold in een doek bewaard. Toen ze ze tegenkwam in haar kist, wist ze wat ze ermee moest doen. De enkele keren dat ze toestemming kreeg om van Bumetrel weg te gaan, nam ze altijd een scherf mee en deed ze het. De eerste keer was het het moeilijkst geweest en was ze door de hoeveelheid bloed die vrijkwam heel erg in paniek geraakt (ze had het bloeden gelukkig kunnen stelpen met wat mos), maar daarna vond ze er op een merkwaardige manier troost in. Het bloed zorgde ervoor dat ze het gevoel had dat ze leefde. Er zaten nu drie rechte, rode strepen op gelijke afstand op iedere pols. En ondanks haar ongewisse toekomst, wist Or dat er snel meer zouden volgen.
« Laatst bewerkt op: 3 jaar geleden door Oréwinde Telrunya »

« [Reactie #1] : 3 jaar geleden »
Spoiler (klik om te bekijken/sluiten)

Ach kijk daar nou eens. Wie zat daar zo vrolijk in een hoekje? Het was de luchtnimf. Ze zat een jaar hoger dan Claus, hij wist wie ze was. Nou ja, hij wist wie ze was geweest. Momenteel was ze vooral dood, in de figuurlijke zin van het woord. Hoewel figuur en letter elkaar nogal eens opvolgden. Claus keek vanaf een afstand naar het nimfje. Hij bevond zich in de schaduw, daar waar het prettig was. Dit geval was anders dan de rest, om verschillende redenen. Als vampier merkte hij andere dingen op dan de andere myrofas op deze school.

Bloed was goed te ruiken, zelfs als er geen open wond was. Het was een licht vleugje genot, als de damp van een heerlijke soep. Dat laatste herinnerde Claus zich, want tegenwoordig waren het over het algemeen ranzige geuren. Stilletjes bewoog Claus zich richting het meisje, tot hij bij haar in de buurt was.

"Gedag, wat zie jij er heerlijk levend uit," groette Claus haar met een spottend glimlachje. "En wat ruik je goed." Ze had het tot het zesde jaar van Merifel geschopt, dus ze was ongetwijfeld slim genoeg om die laatste opmerking te begrijpen.

« [Reactie #2] : 3 jaar geleden »
Spoiler (klik om te bekijken/sluiten)

Oréwinde's hoofd draaide zich met een ruk om richting de stem. Ze had de myrofas niet horen aankomen. Geen wonder: het was een vampier. Ze herkende hem van gezicht (het zou immers ongelofelijk dom zijn om hem niet te herkennen), maar veel meer dan dat hij een jaar onder haar in merifel zat wist ze niet over hem. De kruislinge perste haar lippen tot een dunne streep bij zijn hint. Zouden de wonden echt aan haar te ruiken zijn of speelde hij maar wat met haar? Ze reageerde enkel met een weinig overtuigend "rot op". Ze wisten allebei dat zij hem niet kon dwingen om weg te gaan.

Het kleine voordeel dat ze misschien iets meer ervaring had met magie (al wist Oréwinde niet of hij een vooropleiding in magie had gekregen) werd tenietgedaan doordat hij een vampier was. Als ze in een goede conditie was geweest, had hij al met gemak van haar kunnen winnen in een gevecht. En door haar slechte eet- en slaapgedrag was ze verre van in goede conditie. Gelukkig zat ze in het zonlicht en ging de zon vooralsnog niet onder. Bovendien was de kans dat hij haar overdag in Bumetrel aan zou vallen niet groot, maar je wist het maar nooit met vampiers. Als die bloedgeur erg sterk was.. Genoeg reden voor Oréwinde om hem argwanend in de gaten te houden. 

« [Reactie #3] : 3 jaar geleden »
"Dat is nou ook niet vriendelijk, zonnestraaltje. Helemaal niet beleefd. Mevrouw Gnarl zou teleurgesteld zijn in je. Etiquette is niet je sterkte kant, begrijp ik." De jongeman keek naar het meisje dat daar zat. Ze zag er nogal zielig uit, op een andere manier dan iedere sterveling er zielig uitzag. Claus glimlachte even, het leek haast vriendelijk. Of misschien was het toch spottend. De lichte bloedzweem was anders dan die van de wat oudere meisjes en de vrouwelijke personeelsleden.

"Weet je waar vampiers van leven?" vroeg Claus. "Je zult ongetwijfeld vinden dat vampiers niet leven, dus laten we die voor de hand liggende opmerking maar negeren en gelijk naar het antwoord op mijn vraag gaan. Vampiers, zoals mij sire - je lerares wilsmagie - en ik, leven van bloed. Het maakt eigenlijk niet zoveel uit wat voor bloed, zolang het geen weerwolvenbloed is. Vanzelfsprekend is er een verschil tussen mensenbloed, dierenbloed en myrofasbloed, maar ze voeden ons allemaal."

De vampier leunde tegen de muur, in de schaduw en had een spottende blik in zijn ogen tijdens zijn gastcollege. "Vampiers zijn heel gevoelige wezens, moet je begrijpen. Niet in de zin dat we last hebben van emoties, maar we voelen wel heel goed dingen aan. Hartslagen bijvoorbeeld. En bloedgeuren. Die zijn onmiskenbaar. Denk je dat het handig zou zijn om met wonden rond te lopen in de buurt van vampiers?"

« [Reactie #4] : 2 jaar geleden »
Spoiler (klik om te bekijken/sluiten)

De vampier in de gaten houden bleek een fatale fout. Hierdoor voelde hij zich juist aangemoedigd om te blijven. Hij dacht blijkbaar dat Or zijn gezelschap wel op prijs stelde en dat niet alleen, nee, meneer moest ook nog zijn verhaal kwijt. Eerder had zij best zijn aandacht gewild: praten met een vampier was statusverhogend. Andere myrofas vonden je eerder angstaanjagend als je vriendjes was met een ondode. Belachelijk, maar logisch. Nu zou een gezellig onderonsje met een vampier haar geen hoger aanzien geven, want Or had geen aanzien meer: alleen nog medelijden van een enkeling. De op één na beruchtste pester van Merifel (na haar nog beruchtere voorganger Elmay) was nu het mikpunt van spot, want pesten en kwallen zonder meelopers was ronduit zielig.

Nu Oréwinde zich geen zorgen meer hoefde te maken over haar reputatie, hoefde zij ook geen ondode kletspraat meer aan te horen. Ondoden hadden genoeg andere onsterfelijke vriendjes om theekransjes mee te houden. De kruislinge was bepaald geen vampierenbuddy en negeerde de vampier (en alle herrie die hij produceerde) dus totaal.

Voor iedere andere myrofas zou dit een zeer bedroevende situatie zijn geweest, want niemand wil aan de grillen van een vampier zijn overgeleverd. Voor Or was het echter een stuk minder erg: in het ergste geval zou Clausy haar doden. Or was niet meer bang voor haar dood. De dood was fascinerend: zou zij terugkeren naar Vanas of had ze zich te erg misdragen? En dan de manier waarop ze dood zou kunnen gaan: gebeten door een vampier. Dat zou zeker een exotische dood zijn. De geruchten over het effect van een beet van een vampier waren verwarrend. Or had  een paar gefluisterde horrorverhalen gehoord over de hoeveelheid pijn. Vergeleken daarmee waren de sneden op haar armen lachwekkend. Eén keer had ze iets totaal anders gehoord. Iemand beweerde dat de beet van een vampier hemels zou voelen, maar daar geloofde ze niets van. Dood gaan moest pijnlijk zijn, dat hoorde nou eenmaal zo.   

De vampier was klaar met zijn monoloog en Or had haar besluit genomen. Langzaam richtte ze zich op. Een paar seconden stond ze badend in het zonlicht voor het raamkozijn. Toen liep ze op de vampier af. De afstand was snel overbrugd en al snel stond ze vlak naast de vampier in de schaduw. Natuurlijk raakte Oréwinde Clausy niet aan, dat durfde ze niet. Het was lang geleden dat ze zo dicht bij een andere myrofas in de buurt was geweest. Rustig bewoog ze haar linkerarm naar haar schouder en trok haar schooluniform naar beneden, zodat haar schouder ontbloot werd. Zachtjes zei ze: ‘Toe maar, neem een hapje.’

« [Reactie #5] : 2 jaar geleden »
En toen was de luchtfee ineens bij Claus. De actie verraste hem, maar hij was wel wijzer dan dat te tonen. Voorzichtig deed de vampier een stap achteruit. Hij had al een tijdje niet gegeten[1] en hoewel de wonden van het meisje dicht waren[2], merkte Claus dat een gevoel van honger hem overviel. Zijn ogen waren gefixeerd op de blote schouder en de jongeman ontblootte automatisch zijn hoektanden. De honger was niet zo sterk om hem te laten aanvallen[3]. Hij zou enorme problemen krijgen wanneer hij haar zou bijten. Laat staan wanneer hij haar dood zou bijten.

Claus moest hier weg. Het was onverstandig om hier te blijven, zoveel was hem wel duidelijk. Maar hij kon zich er niet toe zetten zich om te draaien en weg te lopen. Hij kon best nog heel iets langer blijven. Het was hem nu ook gelukt om zich staande te houden, toch? "Waarom wil je dood?" vroeg hij abrupt aan het meisje. "Ik dacht dat ze het fout hadden, maar blijkbaar ben je toch een zwakkeling." De vampier deed nog een stapje achteruit en begon toen heel langzaam om Orewinde heen te draaien.

"Van de toren springen is niet echt een optie met vleugels, maar wist je dat het zwembad in de kerkers heel diep is? Als je helemaal naar de bodem zwemt, dan hoef je alleen nog maar uit te ademen." Claus glimlachte even. "Het zou jammer zijn van zo'n mooi lichaam, maar als je dat echt graag wilt dan wil ik best met je mee zwemmen hoor."
 1. (2) Winst bij hoger dan 4
 2. Dat begrijp ik in ieder geval uit je postings
 3. (2, 9, 5) Winst bij hoger dan 5

« [Reactie #6] : 2 jaar geleden »
Oréwinde onderdrukte met moeite een zucht. Zij was er helemaal klaar voor, maar de vampier twijfelde nog. Or zag het probleem niet: het enige wat Clausy hoefde te doen was zijn nek naar voren buigen en zijn tanden in haar hals zetten. Or wilde zelfs wel op haar tenen gaan staan, dan hoefde hij nog minder moeite te doen.

Maar nee, de vampier moest eerst zijn perverse nieuwsgierigheid bevredigen voor hij ook maar iets zou gaan doen. Daar had Or helemaal de tijd niet voor. En wat was er ook uit te leggen? "Ik moet dood, verder niets," antwoordde ze ongeduldig, "Dat is wat hoort te gebeuren."

"Nee, Clausy, je begrijpt het niet. Ik kan niet zomaar dood. Het moet op de juiste manier gebeuren. Ik ben een elixer aan het bereiden, maar dat duurt erg lang. Toe, Claus, jij kunt mij zoveel moeite sparen. Alsjeblieft." Wanhopig probeerde ze zich aan hem vast te klemmen, terwijl ze haar tranen de vrije loop liet.

« [Reactie #7] : 2 jaar geleden »
Begreep ze dan niet dat de jacht onderdeel uitmaakte van het spel? Het was niet leuk als het eten zich aan je voeten gooide. Zeker niet wanneer ze dat huilend en smekend deed. Niet op deze manier, in ieder geval. Claus deed nog een stap terug. Zijn honger werd even naar de achtergrond gedrukt[1]. In plaats daarvan voelde hij een ander gevoel opkomen. Eigenlijk het enige gevoel dat hij nog wel eens had. Een vreemde glimlach verscheen op zijn gezicht, terwijl hij naar het jammerende meisje keek.

Hij had zin om met haar te spelen. Als je haar vleugels wegdacht, was ze een erg knap meisje. Daar hield Claus wel van. In gedachten had hij al wel twintig dingen bedacht die hij met haar zou kunnen doen, als hij het maar op de juiste manier speelde. "Nou, ik zou natuurlijk.." begon de vampier en verstarde toen. Er kwam iemand aan. En het was niet zomaar iemand. Claus vloekte in zichzelf en dook zo diep als hij kon in de schaduw van de muur[2].

De vampier bevond zich nu aan de andere kant van de ruimte, onzichtbaar in een hoek.
 1. (3) Winst bij hoger dan 4
 2. (8, 2, 4) -1 aftrek. Winst bij hoger dan 5

« [Reactie #8] : 2 jaar geleden »
Het college Telepathie was bijzonder efficiënt gegaan, wat Marcus betreft. Bijna alle studenten waren aanwezig geweest en ze hadden heel wat stof kunnen behandelen. De centaur was nu op de terugweg van de kerkers naar zijn kantoor[1] en hij had een stapel perkamenten in zijn hand. Het waren stukken die door de studenten waren geschreven en daar zou Marcus zich straks over gaan buigen.

Plotseling schrok de centaur op van een inktzwarte golf die hem overspoelde. Hij had geleerd zich grotendeels af te sluiten voor de emoties en gedachten van alle aanwezigen, maar heftige erupties kreeg hij vaak wel mee. Zo zwart als deze had hij ze echter nog niet meegemaakt. Geschrokken haastte Marcus zich in de richting van de bron. In een leeg lokaal[2] vond hij een meisje, het was een Merifeller. Hij voelde nog een aanwezigheid[3], in de hoek. Maar hij kon de persoon niet zien.

"Toon jezelf," klonk het telepathische bevel in Claus' hoofd[4], maar er gebeurde niets. Misschien had hij zich vergist. Het maakte ook niet uit, want dit meisje was belangrijker. Marcus was geen empathisch man, maar hij was snugger genoeg om te beseffen dat het niet goed ging met deze leerlinge en dat het niets lichamelijks was.

"Kom," gebood het witte schoolhoofd en hij drong de geest van het meisje binnen[5]. Dat lukte maar met moeite, door de kracht van haar emoties. Vervolgens blokkeerde Marcus alle gevoelens die het meisje had[6]. Het gevolg was dat ze voorlopig niets meer voelde, hetgeen Marcus gezonder leek dan de inktzwarte duisternis die hij eerder had meegekregen.

Hij hielp het meisje overeind[7] en trok haar gewaad recht, zodat ze niet langer half ontbloot rondliep. Vervolgens kreeg Mocha een telepathisch bericht toegezonden. "Mocha, ik kom nu naar jouw kantoor met een leerlinge." Er werd een beeld meegezonden van Oréwinde zoals Marcus haar had aangetroffen. Dat zou de groene mentor duidelijk maken dat het hier niet om een simpele strafklant ging.

Het duurde niet lang voor Marcus met een wat verdwaasde Oréwinde het kantoor van Tetachan binnenliep. "Ga maar zitten," zei Marcus op een ongewoon meelevende toon en gebaarde naar een stoel waar Oréwinde op plaats kon nemen. "Ik vond deze leerlinge in een verlaten lokaal. Ze was.." Marcus zocht naar een juiste omschrijving en zond Tetachan toen het sterke verlangen naar de dood door dat hij bij Oréwinde had opgevangen[8].
 1. Ik weet niet waar het topic zich precies afspeelt
 2. Bij dezen :P
 3. (9, 6, 10, 6, 9) -3 aftrek. Winst bij hoger dan 4
 4. (1, 4, 1, 3, 4) -1 aftrek. Winst bij hoger dan 4
 5. (1, 4, 5, 3, 4) Winst bij hoger dan 4
 6. (6, 7, 4, 8, 7) Winst bij hoger dan 4
 7. Als ze gevallen is toen Claus verdween
 8. (10, 7, 5, 3, 8) Winst bij hoger dan 4

« [Reactie #9] : 2 jaar geleden »
Verdriet is in iedere myrofas aanwezig. Het is een van de vier sappen waar myrofas uit bestaan. Bij de meeste myrofas bevindt verdriet zich alleen in de milt in de vorm van zwarte gal. Gezonde myrofas hebben een goede verhouding tussen zwart gal en de andere lichaamssappen. Bij hen is er sprake van een natuurlijk evenwicht. Alle emoties komen dan in meerdere en mindere mate voor, afhankelijk van de unieke samenstelling van de lichaamssappen in iedere myrofas.

Sommige myrofas zijn echter uit balans. Dat resulteert in een bepaald type gedrag, zoals zeer energiek, bozig of apathisch gedrag. Gelukkig kan een bekwame arts dat meestal goed verhelpen. Aderlaten is bijvoorbeeld bij te veel van het lichaamssap bloed een beproefde methode.[1] Zwart gal is een lichaamssap dat het moeilijkst te verminderen of vermeerderen is. Een myrofas met een teveel aan zwart gal is een hoofdpijngeval voor iedere dokter. Oréwinde is een typisch voorbeeld van zo’n myrofas.

In Or’s lichaam werd er te veel zwart gal aangemaakt. Daardoor lekte de zwarte substantie uit haar milt. Eerst lekten slechts druppels naar buiten. Gelukkig konden de andere lichaamssappen dat goed opvangen en verschoof het evenwicht slechts. Daardoor voelde Or zich wat vaker niet op haar gemak. Daarna gebeurden er een paar persoonlijke rampen in het leven van Oréwinde, die de aanmaak van het zwarte gal katalyseerden.

De druppels verdriet kwamen samen tot een stroperige, steeds grotere stroom. De hoopvolle start van de Merifelse Organisatie voor Criminele Heldhaftige Acties (kortweg de MOCHA geheten)  eindigde spoedig op een nare manier en daardoor verloor Or het contact met haar enige vriendinnen. Verder speelden een onbeantwoorde liefde (de jongen koos voor Gisèle), haar dalende populariteit en de sterfdag van haar vader een grote rol in de ontwikkeling van meer zwart gal. Dit is een duidelijk voorbeeld van psychologische klachten met een lichamelijke uitwerking.

Tot het moment daar was dat de andere lichaamssappen het teveel aan zwarte gal niet meer konden opvangen en er geen sprake meer was van een evenwicht. De zwarte poel wanhoop (de hoogste gradatie van verdriet) stroomde nu ongehinderd door Oréwinde’s lichaam. Hoe het kon dat deze opeenhoping zich vandaag ineens alles ineens manifesteerde, is lastig aan te wijzen. De nadrukkelijke aanwezigheid van een manier om suïcide te plegen – in de vorm van de aanwezigheid van de vampier – is de duidelijkste aanwijzing.

Van al deze processen in haar lichaam had Or geen weet. Het enige wat ze voelde was een radeloos gevoel om een einde aan haar leven te maken. En plotseling was de eenvoudigste manier om dit te bereiken spoorloos verdwenen. Hevig verward keek zij om zich heen, tot haar blik een andere myrofas vond. In haar verwarring en wanhoop was het onmogelijk om deze myrofas te herkennen. Totdat ineens dat alles ook verdween. Van alle wanhoop was niets meer over, alleen een gevoel van leegte en rust. Or merkte op dat ze zich in het gezelschap van het witte schoolhoofd bevond.  Als een mak lammetje wandelde zij met hem mee naar het vertrouwde groene kantoor. Toen zij een nog vertrouwder gezicht zag, wekte dat voor het eerst in al die jaren geen ontzag of angst of trots op. Ze staarde gefascineerd naar die felgroene ogen, terwijl ze eerder altijd zo snel mogelijk het oogcontact met haar mentor verbrak.
 1. Tot hier is deze post min of meer wetenschappelijk verantwoord, in de zin van dat er in de Middeleeuwen werkelijk een vier sappen-leer bestond (oftewel humores) in de geneeskunde. Na deze voetnoot is het alleen maar mijn fantasie. ^_^

« [Reactie #10] : 2 jaar geleden »
Een schoolhoofd die een leerlinge meebracht?[1] Een halve seconde lang vlogen Mocha's wenkbrauwen omhoog, waarna het beeld van Oréwinde binnendrong. Ah, het verloren schaapje van merifel. Ze had zich al afgevraagd hoe lang het zou duren. Soms kon je maar bitter weinig beginnen met een leerling, omdat elke ingreep het alleen maar erger zou maken. Misschien was in zo'n geval een centaur wel de oplossing.

Bij binnenkomst gaf Magvatero een woordelijke uitleg, en liet die zonder waarschuwing overlopen in een geestelijke impressie. Bravo! Met veel flair wist hij zijn rasvaardigheid te gebruiken. Mocha vertrok haar gezicht, kneep haar ogen dicht, boog haar hoofd en slikte. Schudde met haar hoofd en keek weer op. De rillingen liepen over haar rug. Vervloekte paarden.

"Dank u heer Magvatero." Zei ze. Er was geen spoortje van sarcasme of chagrijn in haar stem aanwezig. Zelfs al had de blik in Oréwindes ziel de naarste herinneringen uit haar eigen verleden opgerakeld. Toegegeven, zelf had ze een grotere neiging tot wanhopig in leven blijven. Maar iedereen die in de klauwen van Elichaïm was gevallen kende de momenten waarin alle hoop verdween. En alle wanhoop.

"Het is misschien niet onverstandig als u, of mogelijk uw vrouw of een rasgenoot even aanwezig blijft.

Hallo Oréwinde."
 1. En nog wel een leerlinge die haar humores kent. Ftw.
No mercy for the wicked.

« [Reactie #11] : 2 jaar geleden »
Die ogen waren werkelijk waar zeer opmerkelijk. Alsof de keuze voor het mentorschap van Merifel voorbestemd was, want met zulke ogen was een soortgelijke baan bij Heracor of Socophon natuurlijk uitgesloten. In het verleden had Or die ogen mythische vermogens toegedicht, ogen die haar diepste geheimen na één oogopslag doorgrondden of in combinatie met een opgetrokken wenkbrauw ervoor zorgden dat Or spontaan door de grond wilde zakken. Nu waren het slechts een paar ogen, uitzonderlijke uiteraard, maar toch alledaags, omdat iedere myrofas er twee van had. 

"Hallo vrouwe Mocha," antwoorde ze. Ze had haar mentrix al een tijd niet buiten de lessen om gezien, vooral omdat ze haar niet had willen zien. "Ik heb u ontlopen," stelde Oréwinde vast. De laatste zonnestralen schenen door de kleine ronde raampjes het kantoor binnen. Gefascineerd keek Or naar het schouwspel van licht. De mentrix en het schoolhoofd waren totaal vergeten.

« [Reactie #12] : 2 jaar geleden »
"Daar was ik van op de hoogte." Bevestigde Mocha. "Ik vroeg me af hoe lang je het vol zou houden. Langer dan gezond voor je was, klaarblijkelijk." De ogen in kwestie vestigden zich op Oréwindes gezicht, zagen hoe flets de ogen die terugkeken waren en toverden een bezorgde blik tevoorschijn.

"Wat is er met je aan de hand, Oréwinde?" Hoe moest je een kind laten praten dat verdoofd was? Was ze nu misschien juist heel goed in staat te praten, ongehinderd door emoties? Maar die leken juist het probleem te zijn. Melancholie, teveel aan sappen van het een, te weinig van de andere. Welke versie dan ook, er was een inbalans in de lichaamssappen.

Het probleem was, lang niet alle elixers die hiervoor ontwikkeld waren werkten goed. Sommigen werkten niet, anderen volslagen verkeerd. Het was hoogst frustrerend, en lastig toepassen. "Is het verstandig om de dokter bij dit gesprek te halen Oréwinde?"
No mercy for the wicked.

« [Reactie #13] : 2 jaar geleden »
Mocha had haar probleem duidelijk niet begrepen. Ze had niet meegedaan aan de 'ik-kan-het-langst-zonder-Mocha'-wedstrijd. Ze had de afgelopen maanden juist iedere dag wel overwogen had om Mocha aan te spreken. Oréwinde snapte niet van zichzelf wat haar dan had weerhouden. Het had te maken met 'schaamte' en merkwaardig genoeg ook met diens tegenhanger 'trots', begrippen die Or niet kon thuisbrengen. Het leek een futiele reden, want haar gezondheid had eronder te lijden. Op welke manier haar gezondheid was geschaad wist Or niet, maar ze vertrouwde het oordeel van haar mentrix.

De kruislinge wilde eigenlijk liever zwijgend door het raam naar buiten staren, maar het was onbeleefd was om Mocha niet te antwoorden. Aan de andere kant, haar antwoord zou vast niet in goede aarde vallen. Ze zou een taboe doorbreken. Dat was niet beschaafd. Or kon niet kiezen wat de beste optie was, dus koos ze ervoor om toch een antwoord te geven. "Ik kan niet meer", zei ze monotoon, "mijn elixer doodde al een rat, dus ik hoef alleen nog de juiste hoeveelheid in te nemen. Ik wil u niet teleurstellen, vrouwe, maar dit is de enige uitweg."

De suggestie van haar mentrix vond Oréwinde vreemd. "De tijd van de geneesvrouwe verspillen lijkt me onjuist", antwoordde ze op precies diezelfde monotone manier. Er was verder niets aan de hand. Binnenkort ging ze dood en dat was precies de bedoeling. Daar had ze de nodige voorbereidingen voor getroffen, dus was het zonde om al die moeite teniet te doen. Haar dood was nu eenmaal onvermijdelijk. 

« [Reactie #14] : 2 jaar geleden »
Het was zelden onverstandig als Marcus of zijn eega ergens bij aanwezig waren, dus bleef Marcus in de ruimte. Terwijl de twee dames met elkaar converseerden, nam de centaur de ruimte eens goed in zich op. Zo vaak was hij hier nu ook weer niet geweest. Gesprekken vonden doorgaans plaats in zijn eigen kantoor. Dat verkleinde de kans aanzienlijk dat hij met vier gebroken benen onderaan de trap van de witte toren belandde.

Marcus' blik viel op wat documenten en een flacon die in een nis vlak bij hem stonden. Niemand zou er last van hebben als hij even rondneusde toch? Het was tenslotte zijn kasteel. En de bewoners van deze kamer waren het begrip persoonlijke levenssfeer waarschijnlijk al jaren verleerd. Dus deed Marcus rustig twee stappen en bestudeerde hij de flacon.

Er zat een vloeistof in, maar Marcus kon niet zien of het water of een dodelijk elixer was. Het leek hem maar het veiligste dat niet te proefondervindelijk te ontdekken. Oh, wat was dat daar achter? Marcus voelde zich even als het jongetje dat stiekem een appel wil pikken bij boer Bertus[1].

Het geheimzinnige voorwerp bleek een stylus te zijn. Dat voelde toch een beetje als een teleurstelling. Bij Mocha en Mairtìn hoopte je op zijn minst een bebloede dolk of een half afgekloven weerwolfbeen te vinden.
 1. Op de een of andere manier betwijfel ik of er veel centaurboeren zijn
« Laatst bewerkt op: 2 jaar geleden door Aegnor Ancalimë »