Welkom, reiziger. [Log in] of [registreer je]. [Activerings-mail niet ontvangen?]


home
contact
chat
2
1
1
Stuur bladwijzer

Iemand op de hoogte brengen van dit topic? Iemand vragen om hier een bijdrage te plaatsen? Stuur een bladwijzer!

Stoor ik?  (330 keer gelezen)

Speeldatum: 2 februari 1302 (Einde winter)

0 leden en 1 reiziger bekijken dit verhaal.

« [] : 4 jaar geleden »
Het nieuwe jaar was begonnen. Een frisse start vol enthousiasme en welwillendheid, als het aan de enige godsdienstleraar lag die Bumetrel rijk was. Zijn wandelstok sprong van steen naar steen, als een kikker in een ketel kokend water. Wellicht was dat niet de beste vergelijking, maar heer Van Wiltz had daar wel vaker last van. Bovendien was hij nu veel te druk bezig met genieten van het leven, omdat het leven zich nu eenmaal in een vrolijke, haast bedwelmende wijze aan hem opdrong.

Uiteindelijk hield de wandelstok op met springen, om nog een laatste keer vooruit te schieten. Het raakte het hout van Meradons deur met gepast geweld, waardoor een mooie klop te horen was. Even later stapte de landelf naar binnen en groette de faun vriendelijk. "Goedendag, goede vrouw, ik hoop dat ik u niet stoor?" Rodric glimlachte naar de vrouw, natuurlijk stoorde hij niet. Evina kreeg niet bijzonder veel gelegenheid om te reageren.

"De naam is Van Wiltz, maar dat weet u ongetwijfeld al. Het is goed u te spreken, vrouwe. U moet weten dat ik de functie die u vervult zeer waardeer. Het is een grote verantwoordelijkheid, maar tegelijkertijd ook zo voldoenend. Wat is er immers beter dan het zien van de intellectuele groei bij de jongelieden hier. Ach, het leven is goed."

Hij nam plaats[1] en bleef de vrouw ondertussen verblijden met meer van zijn wijsheden. "Ik ben een bevoorrecht man om hier te mogen verkeren, tussen deze veelbelovende, enthousiaste en leergierige studenten. Ervaart u dat ook niet zo?"
 1. Aangenomen dat er een fatsoenlijke stoel vrij is

« [Reactie #1] : 4 jaar geleden »
Natuurlijk stoorde de man niet. Ten minste dat liet ze blijken aan de heer. Ze was goed opgevoed. Ze schoof haar kunstwerk opzij. Jammer dat ze er nu niet aan verder kon.

'Welkom heer van Wiltz,' sprak ze toen ze eindelijk de kans kreeg. Ze kende de man zeker. Vele leerlingen spraken over hem. Hij zou saai zijn, oud en slaapverwekkend. Maar Evina wist dat de man het beste voorhad met de leerlingen en dat hij graag les gaf. Hij was een uitstekende leraar maar misschien wat minder modern. Maar Evina zag geen reden de man weg te sturen, de cijfers waren voldoende van zijn leerlingen.

'Ik hou van mijn baan, zoals u al zegt. De leerlingen helpen naar hun volwassenheid. Het geeft veel voldoening.' De faun glimlachte vriendelijk naar de man.
'Zeker, ik dank de schoolhoofden dan ook dat ik hier mag werken.'

'Kan ik u ondertussen wat te drinken aanbieden?' Nogmaals glimlachte ze naar de landelf. Ze wist wel een beetje hoe je met oude mannen moest omgaan. Een beetje het zelfde hoe ze met haar grootvader omging. Daar had ze veel respect voor.


« [Reactie #2] : 4 jaar geleden »
"Ach ja, de schoolhoofden. Uiteraard dank ik hen; en de goden. Het is overigens goed dat er tegenwoordig een man is. Bij de schoolhoofden dan, uiteraard, aangezien er bij de goden al langer mannen zijn en men kan zien hoe goed dat uitgewerkt heeft. En dan ook uit een goed geslacht. Het is verstandig dat de leiding van dit instituut in handen van een bekwame man is."

De vrouw was toch meer een tere bloem die gekoesterd moest worden en in wie de schoonheid van Amina te zien was. Zij moest geliefd worden om tot ontplooiing te komen, want ten diepste lag haar bestaansrecht in haar relatie tot de man. Er waren conservatieven die vonden dat de vrouw enkel geschikt was voor het baren van kinderen, maar Van Wiltz was niet zo bekrompen. Nee, men kon de vrouw ook prima het idee geven nuttig te zijn in de praktische zin van het leven.

"Maar ik dwaal af, vergeeft u mij."

De landelf glimlachte vriendelijk naar de faun. "Als u wijn of likeur heeft, zou ik het aanbod natuurlijk niet af kunnen slaan. Maar doet u vooral geen moeite. Ik wil u natuurlijk niet te veel belasten met mijn aanwezigheid." Bovendien had hij zaken te bespreken.

"Zoals u weet onderwijs ik de jongelieden van deze school over de goden," ging hij verder. "Godsdienst is een belangrijk onderdeel van het leven, zoals ook de goden die in deze dienst vereerd worden een essentieel deel is van het bestaan. Het is mij welgevallig het enthousiasme van de studenten te zien."

Rodric keek haar plotseling aan. "Bent u het met mij eens dat de goden een essentieel deel van ons bestaan zijn?"

« [Reactie #3] : 4 jaar geleden »
'En de goden uiteraard.' De goden speelden ook mee in het lot. Evina knikte instemmend. Het was goed dat er een man aan de leiding stond. Ze had geleerd haar grootvader altijd gelijk te geven, welke onzin hij ook uitkraamde. Nu kraamde van Wiltz niet zo zeer onzin uit maar Evina was het er niet helemaal mee eens. Zijzelf bezat ook een hoge functie en ze geloofde niet dat zij het slechter zou doen als een man. De vorige mentoren van Socophon waren mannen geweest. Een oude landelf, een centaur die nu mentor van Heracor was en een mannelijke nimf. Ze hadden nog geen jaar gezeten. Haar vrouwelijke voorganger mevrouw Negorid was daarin tegen al jaren mentor van Socophon geweest. De faun had zo haar twijfels of mannen beter waren dan vrouwen. Maar ze hield haar gedachten voor zich.

De faun stond op van haar plaats en kwam niet veel later terug met twee glazen wijn. 'Moge het u smaken.' Ze had voor speciale gelegenheden goede wijn aangeschaft.

Evina glimlachte even kort. Had de man nu echt niet in de gaten dat zijn leerlingen soms sliepen in de les? Tenminste dat had ze weer van leerlingen gehoord. Ze betwijfelde of de studenten nu echt wild enthousiast waren van zijn lessen. Maar opnieuw hield ze beleefd haar mond daarover.

'Daar ben ik het zeker mee eens. We hebben veel te danken aan onze goden. Ze spelen zeker een belangrijke rol in ons leven.' Vooral haar eigen god natuurlijk.
De mentor nam een slok van haar wijn en begon zich nu toch af te vragen wat de man van haar wilde. Tenzij de man voor de gezelligheid kwam dat kon ook nog natuurlijk. Hij had naar haar weet geen vrouw meer, dus ze begreep best dat de man af en toe met een myrofas wilde kletsen.


« [Reactie #4] : 4 jaar geleden »
De man nam een slok van zijn wijn. Het was een prima wijn. Het was niet uitzonderlijk goed, maar het was gezien de omstandigheden een goede wijn. De smaak was rond en vol, terwijl de afdronk verrassend kruidig was. De drank liet een zachte nevel van bitterzoet genoegen achter in de mond.

"Het is goed om te horen dat u leeft in het licht van uw godheid, wat in zichzelf een goedheid is. Een deugd die waarlijk te prijzen is. Er zijn helaas nog tevelen die wars zijn van de goden en hun geboden, hoewel ik niet anders kan dan concluderen dat deze school daar een gelukkige uitzondering op is. En in deze goede geest moeten wij moedig voortgaan, om zo tot verdere bloei en groei te komen."

Rodric nam nog een slok van de wijn en constateerde dat deze nog steeds even rond en vol was, hoewel de afdronk iets anders leek te zijn. Als wijnkenner ontging hem niets en eigenlijk ontging hem als burggraaf ook weinig van het leven.

"En wanneer wij het dan toch over groei en bloei hebben, rijst bij toch de vraag: Hoe bevalt uw positie u? Het is een verantwoordelijke taak om leiding te geven aan de afdeling van de kennis. Ik begrijp uiteraard dat het niet altijd eenvoudig zal zijn om de last te voelen. De last die een zekere eenzaamheid kan oproepen en tegelijkertijd ook zo vervullend kan zijn. Het is een grote eer maar ook een zware verantwoordelijkheid. Ik heb genoeg leiders gezien die deze druk niet aankonden en vervielen in liederlijkheid, wangedrag en waanzin. Maar ach, u heeft deze functie nog maar kort."

Rodric glimlachte vriendelijk naar de vrouw. Die zou het mogelijk nog wel wat jaren volhouden voor de druk haar te zwaar zou worden. Ach, wat was het leven van het volk toch eenvoudig.

« [Reactie #5] : 4 jaar geleden »
'Ik zou mij daar niet zoveel zorgen om maken heer. Hun goden zullen ze het juiste pad wel wijzen. Vroeg of laat.' Wat ze zei vond ze redelijk klinken. Ze glimlachte dan ook tevreden. 'En u bent daar een helpende hand in. De goden zullen u dankbaar zijn.'

'Een last zo wil ik het niet noemen maar het is wel zo. Niettemin is de waardering groter dan de last. Als een leerling met een probleem komt voel ik zijn last. Maar als ik het daarna oplos voel ik vreugde. Kinderen die blij mijn kantoor verlaten. Een beter gevoel bestaat er niet.' Goed nu liepen er ook wel eens boze leerlingen haar kantoor uit. Maar straf hoorde nou eenmaal bij de opvoeding.
Een slok van de wijn werd genomen om haar mond te bevochtigen.

'Ik hoop dat ik deze functie met behulp van de goden nog een lange tijd mag behouden. In mijn werk vind ik plezier en voldoening. Ik zou dat niet graag kwijt raken.' Ofwel haar positie beval.

'Nu ik u toch spreek. Loopt u tegen problemen op bij het lesgeven? Mist u misschien materialen die u zou willen bemachtigen?. En bevalt het u hoe ik Socophon leid?'
Ze was reuze benieuwd of de man, kritiek op haar zou hebben.

« [Reactie #6] : 4 jaar geleden »
De landelf humde even. Het was inderdaad waar wat de vrouw zei, dat de goden degenen die zondigden wel weer bij zouden sturen. Maar tegelijkertijd was het de vraag of deze sturing rechtstreeks vanuit het Pantheon zou komen of dat het door de schepselen heen moest gebeuren. Niets was ooit zo eenvoudig als het leek en de goden spanden daarin de kroon.

"Iedere last heeft zijn beloning, zoals ook iedere nacht weer een dag voortbrengt," beaamde de burggraaf. "En het gelach van kinderen is meer waard dan het zweet des aanschijns waarmee de zorg voor hen verricht wordt. Zoals het de goden welgevallig is om het geluk van hun stervelingen te zien, zo doet het ook ons goed om het geluk van de kinderen te zien. Want wat is er mooier dan het zien opbloeien van eenvoudige geesten, tot zij volgroeid zijn en als zelfdenkende en verantwoordelijke lieden het levenspad bewandelen?"

Heer Van Wiltz nam nog een slok van zijn wijn, liet die rondrollen in zijn mond en doorgrondde de textuur van de drank. "Wat is missen?" ging hij verder. "Gemis is een breed begrip en wordt al te zeer gebruikt voor vage gevoelens van onbehagen en een globaal besef van incompleetheid. Ik heb wellicht niet alle geschriften tot mijn beschikking die ik graag in zou zien, maar kan ik daarmee spreken van een gemis? Het lijkt mij een boude uitspraak om te stellen dat de afwezigheid van de door mij gewenste geschriften met hetzelfde woord omschreven zou moeten worden als het hartverscheurende verlangen van het pasgeboren weeskind naar zijn moeder."

Na nog een slok van zijn wijn, was het glas leeg.

"Maar ach, laat ik u niet te veel ophouden," zei de landelf en hij zette met een vriendelijke glimlach het glas op het bureau. De man stond op, nam zijn wandelstok ter hand en bewoog zich richting de uitgang. "Het was mij een waar genoegen dit tot wijsheid leidende gesprek met u te mogen voeren. Het ga u goed."

En weg was de landelf, even plotseling als hij was gekomen.

« [Reactie #7] : 4 jaar geleden »
Evina knikte bij de woorden van de man. Ze had er niks op aan te merken en was het met hem eens. Glimlachende kinderen,  het vulde je hart.

Verder krabbelde ze op een stuk perkament dat de heer niks miste. Dat had hij ook gewoon mogen zeggen maar de man hield van praten.
'Nog een fijne dag gewenst heer van Wiltz.' Ze keek Hoe de man vertrok en nam maar aan dat hij tevreden was haar mentorschap.

De faun pakte haar kunstwerk er weer bij. Ze snapte haar leerlingen niet. Er viel best naar te luisteren,  naar de man. Misschien moesten de kinders er beter hun best voor doen.