Welkom, reiziger. [Log in] of [registreer je]. [Activerings-mail niet ontvangen?]


home
contact
chat
2
1
1
Stuur bladwijzer

Iemand op de hoogte brengen van dit topic? Iemand vragen om hier een bijdrage te plaatsen? Stuur een bladwijzer!

Niks mee te maken!  (2517 keer gelezen)

Speeldatum: 5 december 1300 (Begin winter)

0 leden en 1 reiziger bekijken dit verhaal.

« [] : 6 jaar geleden »
Zare sjouwde haar schoonmaakspullen door de gangen heen. De lessen waren net weer begonnen, maar nog steeds renden er af en toe een laatkomer of een verdwaalde eerstejaars door de gangen heen.

De laatste hadden nog wel de tegenwoordigheid van geest om in een boog langs haar heen te gaan (eentje was er zelfs gestopt om haar te vragen waar de keukens waren. Zare was in een goede bui en had het luchtelfje uitgelegd hoe hij er moest komen), maar laatkomers hielden meestal bovenbouwers in, en die hadden aanzienlijk minder respect voor haar persoonlijke ruimte (hiertoe was de uitstekende bezem ook tot te rekenen).

Ze vroeg zich af of ze betrapt zou worden als ze een van de mormels zou laten struikelen, maar ze liet het na. Natuurlijk zou het erg bevredigend zijn om een gebroken been te veroorzaken, maar het zou ook een hele boel gedoe opleveren.

Ze kwam aan bij haar bestemming, en met hulp van de gedachte dat ze iets meer dan een maand weer in de schoolbanken te zitten, wist ze haar stem vrolijk te laten klinken. "Meneer, ik kom hier even schoonmaken. Schikt het?"
Oh help, ze klonk al bijna als die fee op de ziekenzaal. 

Ugh

« [Reactie #1] : 6 jaar geleden »
Fynn zat als een echte heer aan het grote bureau in zijn werkkamer, toen er een of ander schoonmaak wormpje langskwam. Minder hoffelijk was het glas wijn in zijn hand, het was immers pas vroeg op de middag, en zijn voeten op de tafel. Zijn stoel stond maar op twee van de vier steunpunten.

Overal in door zijn kantoor lagen stapels papier verspreid, hier en daar ook nog een paar boeken, ongeveer genoeg om een halve kast mee te vullen. Alleen de vloer was nog begaanbaar, op een opslag hoekje na. Er zat uiteraard een logische ordening in, maar die was alleen te vinden door de phaosfee zelf.
Bovendien was hij bezig met alles uitzoeken - de vorige lera(a)r(es) had van alles achter gelaten. Als je de vorige maand was langs gekomen zou het een nog ergere troep zijn. Langzaam werd het namelijk iets minder. De schoonmaakster zou er echter waarschijnlijk alleen maar een grote bende in zien.

Met een verbaasde uitdrukking keek de leraar het binnen gelopen meisje aan. "Je bent vergeten te kloppen." was alles wat hij zei, zijn stem vlak, alsof hij het al duizend keer had uitgelegd. "Ga naar buiten en doe het nog eens." En met die woorden richtte hij zijn blik weer op de toetsen die voor hem lagen. Een lichte glimlach speelde rond zijn lippen, onwaarneembaar voor het schoonmaak wormpje.
« Laatst bewerkt op: 6 jaar geleden door Fynn Kashmir Neruth »

« [Reactie #2] : 6 jaar geleden »
Zare was geen schoonmaakwormpje, het léék er niet eens op. Ze was een een schoonmaakhydra, of toch minstens een flinke schoonmaakslang. Maar ze werd waarschijnlijk definitief van school gestuurd als ze tegen hem zei dat hij kon oprotten met z'n kloppen, zuchtte het slangetje enkel geërgerd en sloot de deur weer.

Er konden zowaar twee harde kloppen vanaf, voordat ze de deur weer open gooide en haar welkomszin weer herhaalde. Ze had nog nooit eerder bij heer Neruth hoeven schoon te maken, maar ze ving genoeg op van schoonmaaksters, leerlingen en een enkel personeelslid om op te maken dat hij niet erg geliefd was.
 
Ugh

« [Reactie #3] : 6 jaar geleden »
Het meisje verdween weer met haar schoonmaakspullen en de phaosfee wist de glimlach van zijn gezicht te vegen. Een glimlach stond hem niet. Hij nam nog een slok van zijn Montemorcey voor hij het op zijn bureau zette op de plaats waar zijn voeten net hadden gerust, die stonden namelijk weer netjes op de grond. De leraar wachtte rustig tot hij het kloppen hoorde. Ah, daar was het. De elf kwam weer binnen. De elf kwam weer binnen? Maar zo hoorde dat niet! Wat dacht die worm wel niet?

"Opnieuw. Ik had geen 'binnen' gezegd." zei hij, ongestoord. Fynn had alle geduld om de jongedame iets van een opvoeding mee te geven. Hij snapte best dat een zielige schoonmaak worm, hydra of slang dat niet van huis uit had meegekregen. Hij was soms de slechtste niet.
« Laatst bewerkt op: 6 jaar geleden door Fynn Kashmir Neruth »

« [Reactie #4] : 6 jaar geleden »
Zare rolde met haar ogen en sloot de deur weer. Ze kon begrijpen waarom iedereen hem niet mocht. Had hij niks beters te doen dan haar zijn kantoor uit te sturen? Leraren deden toch altijd zo lang over dat nakijken? Waarom kon hij dat niet gaan doen en haar rustig laten schoonmaken? Iedereen zou er blijer van worden.

Het speelde in haar hoofd om gewoon nu weg te lopen, maar de belofte aan onderwijs was belangrijker dan haar irritatie. Ze klopte opnieuw aan. Ach, perfecte schoonmaker dat ze was. Straks, straks al ze weer op school zat...
Dan moest ze nog steeds op haar tenen lopen.
Ugh

« [Reactie #5] : 6 jaar geleden »
En zo wachtte Fynn opnieuw tot hij het gewenste kloppen hoorde. Dat kwam en ging en na een paar seconden kwam ook zijn antwoord. "Binnen." Zijn stem was onveranderd. Zijn houding ook, behalve voor het glas wijn aan zijn lippen.

"Ah," zei hij, met een gemaakt-verbaasd gezicht toen de landelf binnen kwam. "Ik verwachtte je al. Het schikt. Ga je gang." Hij maakte een vaag gebaar naar de bende om hem heen. Uiteraard, overal de papieren, maar ook hier en daar een (half)lege fles wijn en wat andere zooi.

"Als je maar niet aan mijn administratie komt." Aka, blijf van mijn spullen af.

« [Reactie #6] : 6 jaar geleden »
Zare had in haar twee eerdere glimpen de rotzooi van de kamer nog niet geheel doorgekregen, maar nu ze voor het eerst van meer dan vijf seconden in het vertrek doorbracht, had ze weer een nieuwe reden om hem niet te mogen.

Ze stond even om zich heen te kijken, en keek toen weer naar heer Neruth. "Kan ik die rondslingerende papieren en boeken ook tot administratie rekenen? Want in dat geval is er niet veel ruimte om te bewegen. Zou lastig kunnen zijn tijdens het schoonmaken."
Het was een beleefde vraag, brutaal gesteld. Dat maakte het half beleefd, en dat was de manier waarmee Zare zich over het algemeen door het leven sloeg.
Ugh

« [Reactie #7] : 6 jaar geleden »
Fynn zuchtte overdreven en keek de schoonmaakster lichtelijk bedroefd aan. Met een tweede zucht stond de jongeman op en liep de paar meter naar de landelf toe. Onderzoekend keek hij haar aan. Hij was niet zeker wat het lieve snoetje (schoonmaakworm of niet, ze had wel een lief snoetje (Nu was Fynn's definitie van lief niet een bepaald positieve definitie)) hier deed. Ze keek te uitdagend om echt schoonmaakster te zijn, maar was weer niet snugger genoeg om leerlinge te zijn. Wat maakte het uit?

"Jongedame - hoe heet je ook alweer? - kijk eens naar mij. Naar mijn rug, specifiek." De phaosfee draaide zich om zodat het meisje goed zicht had op wat daar zat. Hij fladderde iets met zijn zwarte vleugels. "Vertel me eens, wat zie je daar, en in het bijzonder, welke kleur heeft dat iets?"

Oh, wat zou de hydra met het lieve snoetje vast maar al te graag een mes in zijn onbewaakte rug willen steken.
« Laatst bewerkt op: 6 jaar geleden door Fynn Kashmir Neruth »

« [Reactie #8] : 6 jaar geleden »
Zare liet zich met een klak van haar tong inspecteren. "Mijn naam is Zare, Zare de Muttea."
Kijk naar mijn rug, was dat niet een of andere uitdrukking? Nou ja, Zare zou het niet weten. Ze was niet zo'n taalkundig wonder, vooral niet met uitdrukkingen. In twee talen (plus een beetje elfs) opgevoed zijn was niet goed voor de verfijning van beiden.

"Ze zijn zwart, maar u beantwoord mijn vraag niet helemaal." Dit was een understatement. Het gesprek had nu de logica dat gelijk stond aan een conversatie over het weer die plotseling omgegooid werd naar pissebedden, om maar iets te noemen.
Er zat vast een verbluffende logica achter deze schijnbaar idiote vraag, maar Zare had geen zin om het vernuft van de phaosfee te bewonderen. Ze was een schoonmaakster, geen klap-in-je-handjes-als-de-leraar-iets-slims-doet-en-kijk-bewonderend-iets. 
Ugh

« [Reactie #9] : 6 jaar geleden »
"Zare de Muttea, je doet het perfect. Ze zijn zwart. Zwart!" De jongeman draaide zich weer om, een glinstering in zijn ogen. Een mondhoek ging een beetje omhoog. "Zwart, dus ik ben geen papegaai, ik ga niet alles herhalen. Ik heb die andere schoonmaakster al uitgelegd hoe dingen te werk gaan hier." Die ander had pas echt een lief snoetje. Hij maakte een kort gebaar en keurde het meisje geen blik meer waardig. "Begin maar met ramen lappen."

Zo liep Fynn weer naar zijn bureau en begon met wat hulp van magie stapels te maken van de papieren die overal slingerden. Toetsen bij toetsen, brieven bij brieven, loonstrookjes op hun eigen stapel, lege perkamenten in de hoek, ga zo maar door. Terwijl de hydra de ramen lapte, zou hij zorgen dat ze daarna tenminste aan de slag kon. Of in ieder geval iets gemakkelijker dan ervoor.

« [Reactie #10] : 6 jaar geleden »
"Waarom zou ik het dan weten? We kunnen geen gedachten lezen!"Zare maakte zich al klaar om moeilijk te gaan doen, maar toen kreeg ze zowaar een simpele en uitvoerbare opdracht. Ze haalde haar schouders op. "Hm."
De ramen waren goed begaanbaar en duidelijk geen onderdeel van de administratie. Dat maakte het een stuk gemakkelijker.

Wat meneer Neruth ondertussen uitspookte, daar lette ze niet op. Ze zou later wel zien wat er van de rommel die de fee administratie durfde te noemen zou worden. Mochten er allemaal problemen van komen, dan had ze tenminste de ramen gelapt. Dat was al dat.
Ze probeerde geen gesprek aan te knopen terwijl ze bezig was. Ze hield er niet van en ze durfde te wedden dat de leraar dat ook niet deed.
Ugh

« [Reactie #11] : 6 jaar geleden »
"Hmm, jullie niet nee, daar heb je gelijk in." Pittig ding. Niet zo mak als die ander met dat lieve gezichtje. Tamme wezentjes waren zo amusant. Beetje aaien en een koekje en - poef - ze waren je door en door trouw en helemaal gelukkig. Je zou bijna medelijden met ze krijgen, behalve dat Fynn niet zo snel last had van medelijden. Hij was er redelijk bestand tegen.

Kijk, nu was Fynn niet iemand die hield van small talk, zoals Zare al had geraden, maar soms kwam je op zo'n punt in je leven dat je liever de ander irriteerde omdat je sprak, dan dat je jezelf de moeite bespaarde. Dus ondanks dat hij geen behoefte had aan kletsen, zou hij het doen, alleen maar om de ander een beetje te pesten. Soms was het leven zo leuk en simpel.

"Dus, hoe ben jij hier beland?" De phaosfee nam een voorzichtige slok van zijn wijn terwijl hij verder sorteerde.

« Laatst bewerkt op: 6 jaar geleden door Fynn Kashmir Neruth »

« [Reactie #12] : 6 jaar geleden »
Zare bonkte haar hoofd nog net niet tegen het raam aan. Had ze nou totaal haar vermogen om mensen in te schatten verloren of deed hij het nou gewoon om haar te jennen? Ze gokte op het laatste. Vervelende...
Ze nam haar tijd om een antwoord te formuleren. Toen ze haar mond open deed klonken haar woorden nonchalant, alsof ze het normaalste verhaal vertelde.

"Oh, nadat mijn moeder en broer waren vermoord door struikrovers ben ik hierheen gekomen voor onderwijs. Ging prima, totdat ik wat in de knoei kwam met een nimf en mijn dossier. Lang verhaal. Ik werd van school gestuurd, maar als ik een jaar braaf zou schoonmaken, mag ik weer verder." Ze speelde een spelletje, noem het een toneelstuk. Zo terloops mogelijk.
"Hoe bent u hier dan gekomen?"
Ugh

« [Reactie #13] : 6 jaar geleden »
Met een spottende glimlach naar de muur luisterde Fynn naar het verhaal. "Wat vervelend zeg. Nog plannen om telepathie te gaan doen?" Bij de laatste zin was zijn stem vreemd leeg van emotie. Ondertussen werd een stapeltje perkamenten in de lade gestopt waar ze hoorden.

"Ik heb gesolliciteerd." Opnieuw een slok wijn. "Fainopur.[1]" In zijn ene hand verscheen een klein vlammetje wat hij onder de papieren van zijn andere hand hield. Het geheel werd in de open haard geworpen waar het vrolijk begon te knisperen. Oude administratie van de vorige bewoner hoefde hij niet te bewaren, net als vergeten toetsen van vorig jaar. De phaosfee kon wel begrijpen dat leerlingen hun 1'en en 2'en niet graag verzamelden.
 1. (9, 3, 9, 6) Winst bij hoger dan 5

« [Reactie #14] : 6 jaar geleden »
"Nee, geen magische aanleg. Ik zit in Heracor." De man zag eruit alsof hij niet verder keek dan de stereotypes van elke afdeling, en haar dus nu waarschijnlijk zou veroordelen als dom. Het kon haar niks schelen. Als hij haar veroordeelde, deed zij dat ook bij hem, en ze had geen verlangen om goed in het blaadje te staan bij domme wezens.

"Het zou pas nieuws zijn als je dat niet had gedaan."
Ze verplaatste haar emmer naar het volgende raam en krabde een platgeslagen vlieg van het raam af. Een stuk bleef onder haar nagel kleven en ze vloekte binnensmonds terwijl ze van de overblijfselen van het beest probeerde af te komen.
Ugh

« [Reactie #15] : 6 jaar geleden »
Terwijl de jongedame aan het schoonmaken was en wist-hij-veel wat nog meer, stak de leraar nog wat meer papieren in de fik. Het vuur in de haard brandde echter nog niet zo goed, waardoor hij werd genoodzaakt alles eerst zelf aan te steken voor hij het erin gooide. Zo stond de leraar met een brandend papier in zijn handen toen hij met zijn voet tegen een fles aan stootte. Met het geluid van brekend glas viel de fles om, alle wijn die erin had gezeten vloeide over de vloer. De wijn verspreidde zich snel, maar het vuur nog sneller. Binnen de kortste keren was het vuur van de haard en de papieren in zijn handen die hij geschrokken had laten vallen overgesprongen naar de brandbare alcohol op de vloer.

Volmondig vloekte de leraar waar zelfs een verdorven landelf als Zare van op zou kijken. Hij sprong bij het vuur vandaan tot hij met zijn rug tegen zijn bureau aan stond. Magie werd vast voorbereid om de alles veterende vlammen te doven.[1]
 1. Ik stop hier zodat Zare eerst kan posten.

« [Reactie #16] : 6 jaar geleden »
Terwijl Fynn de pyromaan aan het spelen was, deed Zare het raam open om ook de randen van de vensterbank af te kunnen soppen. De buitenkant van de ramen was niet haar verantwoordelijkheid, maar binnen moest alles door haar worden schoongemaakt.

Toen ze het geluid van het vuur opving was ze niet onmiddellijk gealarmeerd. De leraar had eindelijk het vuur aangekregen, het zou tijd worden. Bij het vloeken draaide ze zich om. Haar voeten bleven staan waar ze waren en ze kruiste enkel haar benen. Binnen een seconde hadden haar ogen het vuur geregistreerd, dat veel te vlakbij was om nog veilig te zijn.

Instinct liet haar achteruit deinzen, maar het hield geen rekening met de vreemde positie van haar benen. Ze struikelde en viel achteruit.
Het open raam vormde geen obstakel en Zare bevond zich buiten, een meter of vijf boven de vloer en niks om zich vast te houden.
Donders. Ze begon maar te schreeuwen.
Ugh

« [Reactie #17] : 6 jaar geleden »
De schreeuw achter Fynn leidde hem af van zijn magie. Hij was pas half omgedraaid toen hij de schoonmaakster - haar naam, Zare, schoot hem weer binnen - uit het raam naar achteren zou kieperen. Ja, hij had al genoeg problemen aan zijn hoofd! De magie die hij zo geconcentreerd had opgesteld werd in de halve seconde die hij had achter haar aan gegooid, maar de phaosfee had geen tijd meer om er echt iets van te maken. In gedachten zat de zweef spreuk, maar ook teleportatie en schilden waren aanwezig tussen de wirwar van oplossing die hij bedacht.[1][2][3]

Tijd om te kijken wat voor effect zijn magie had, had de leraar niet. Met een ander deel van zijn hersenen was hij alweer bezig de magie klaar te maken om het vuur te doven. De vlammen likten inmiddels aan zijn hielen. Een snelle "Hydoree."[4] doofde het vuur rond zijn voeten, maar genoeg magie de hele vlammen zee te doven had hij niet. Tijd om zoiets te doen ook niet, hij voelde hoe de rook in zijn longen brandde.

Met maar vage ideeën wat hij kon doen, legde de phaosfee een materie schild om de vlammen aan.[5] Het vuur was echter een krachtige vijand en gelijk voelde Fynn het effect. Hij was niet meer in staat op zijn eigen benen te staan en zakte tegen het bureau aan. Hitte en rook bedwelmde zijn gedachten en hij wist dat hij het niet lang zou volhouden. Het vuur zou al snel de lucht binnen in zijn beschermende koepel gebruiken en uit gaan, maar tegen die tijd zou hij zelf al niet meer wakker zijn, waardoor het schild zou verdwijnen. Hij voelde met een steek van pijn hoe het schild wat om Zare heen had gezeten knapte en verdween.[6] Daar kon hij dus ook al niet meer helpen.

Met zijn laatste heldere gedachten probeerde Fynn orde te scheppen in de chaos om hem heen. Vuur, vuur, meer vuur, opgesloten in het schild. Langzaam dovend door gebrek aan lucht. Niet snel genoeg. Minder lucht, minder lucht! Maar half bewust begon hij de gebaren te maken om te teleporteren. Niet zichzelf echter, maar de lucht. Hij wist niet eens of je lucht wel kon teleporteren. Lucht was toch niets? Hoe moest je het voorstellen? Wind? Ademen? Hij probeerde de lucht als een ding te zien, een alles bewegend ding. Iets wat je kon vast pakken, iets wat je kon zien. Met een laatste golf van magie dwong hij de bol lucht binnen het overkoepelende schild naar de kamer om hem heen te teleporteren.[7] Toen viel hij bewusteloos neer, door gebrek aan zuurstof en uitputting door een overdosis aan magie.

De vlammen bij zijn voeten doofden en alles wat je nog zag van zijn prestaties was een grote zwarte plek waar ze hadden gedanst en gesprongen.
 1. 1,2: Hij laat Zare zweven.
3: Zare valt.
4,5: Zare teleporteert ergens naartoe.
6,7: Zare valt.
8: Ze krijgt een schild om zich heen.
9,10: Ze valt.
 2. (8)
 3. Zare, ik laat het aan jou over om te bedenken wat voor nut dat schild heeft en of het je beschermt bij je val enzv.
 4. (4, 7, 8, 1) Winst bij hoger dan 5
 5. (6, 8, 7, 7) Winst bij hoger dan 5
 6. Wrs lig je allang op de grond.
 7. (10, 9, 7, 3) -1 aftrek. Winst bij hoger dan 5

« [Reactie #18] : 6 jaar geleden »
Bij Periousia hadden ze een hele les besteed over het onderwerp correct vallen, maar in een goed georganiseerde les werkte het toch wat anders dan als je in paniek uit een raam valt. Misschien herinerde een deel van haar dat ze zou moeten weten hoe ze correct moest vallen, maar verder ging het ook niet. Het enige wat ze in de seconde dat ze viel deed was schreeuwen. Om haar niet als volkomen nutteloos af te schilderen; dat gebeurde erg hard.
Ze realiseerde zich vaag in het laatste deel van haar val dat er iets om haar heen was, maar voordat ze die interessante gedachte wat beter kon uitwerken, was ze al hard geland.[1][2][3][4][5][6]

Het schild, want dat was het, ving een deel van de klap op, maar knapte toen al snel[7]. De rest van de klap kwam om Zare's rug terecht. Als er een krak te horen was, miste ze die. De oren van de landelf waren enkel gevuld met pijn. Het was bijna een opluchting toen de klap zich verspreide, bij haar nek en hoofd aankwam, en alles zwart voor haar ogen werd.
De schoonmaker en de leraar waren dan misschien van verschillende niveaus, waren óp verschillende niveaus, maar ze dachten allebei aan hetzelfde; helemaal niets.

[8]
 1. 1-6 het schild is een materieschild
7-10 het is een krachtschild
 2. (1) Winst bij hoger dan 7
 3. Een materieschild dus
 4. 1-2 Paar blauwe plekken 3-4 Gekneusde arm 5-7 Gebroken arm 8-9 Gebroken rug 10 Meerdere breuken in arm
 5. (8) Winst bij hoger dan 7
 6. Gebroken rug dus
 7. Ik verwacht niet dat het een heel sterk schild is, door Fynn's toestand
 8. Aangezien we nu beide bewusteloos zijn: open topic
Ugh

« [Reactie #19] : 6 jaar geleden »
Fellow liep op zijn gemakje buiten. Hij was op weg naar de sportvelden en aangezien hij ruim op tijd was, vond hij dat een toeristische route geen kwaad kon. Het was toeval dat hij omhoog keek, terwijl hij een figuurtje uit het raam zag kukelen. Hij zag hoe ze zich nog probeerde vast te houden. Een afzwakking van haar schreeuw bereikte zijn oren. En ze viel.. Ze viel voor hem in slowmotion. De landelf begon te rennen zo hard als hij kon, hij vergde het uiterste van zijn spieren en hij vervloekte het feit dat hij zo slecht was in wilsmagie.

Enkele meters voor Fellow klapte het meisje op de grond. In enkele seconden was hij bij haar. Hij zag de vreemde houding waarin ze lag. "HELP!", schreeuwde hij, terwijl hij zich over het kind heenboog. Hij controleerde of ze nog ademde en dat was gelukkig het geval. Haar huid was op meerdere plekken gebarsten en ze bloedde, maar gelukkig niet heel erg en niet uit haar hoofd. In deze toestand durfde hij haar niet op te tillen. Het leek erop dat ze haar rug had gebroken, niet dat hij een expert was, en hij wilde het niet erger maken.

Telepatisch gaf hij een noodsignaal af aan iedereen die in de buurt was. Nogmaals keek hij omhoog en er leek rook te komen uit het open raam waaruit het meisje gevallen was. Nogmaals gaf hij een signaal af. Een derde signaal ging niet meer lukken. Dat kostte hem teveel energie. In plaats daarvan pakte hij de hand van Zare en aaide hij daar haar haren. Ze leefde nog en daarom wilde hij alles voor haar doen wat hij kon, hoe weinig dat ook was.
"Shhh, volhouden meisje, er komt zo vast hulp. Ik blijf bij je. De dokter komt vast zo. Niet opgeven. Je bent hier in goede handen." Hij praatte maar een beetje tegen het bewusteloze kind aan. Hij kende haar van zijn lessen. Ze moest het overleven.
Too sweet to function

« [Reactie #20] : 6 jaar geleden »
Een beetje hoofdpijn na het lezen van vele dossiers had haar doen besluiten om een kleine wandeling door de tuinen te maken. Niet dat daar wat was te beleven in de winter, maar de frisse lucht zou haar vast goed doen. In gedachten verzonken liep ze door de boomgaard en terwijl ze naar de kale appelbomen keek dicteerde ze in gedachten een brief aan haar man. Ze miste hem, gek genoeg, en bedacht dat ze nog niet zo lang bij hem weg was geweest als nu. Gek toch dat je toch pas besefte hoeveel iemand, die zo'n vanzelfsprekend onderdeel van je leven leek, voor je betekende als je hem moest missen.

De eerste hulpkreet had ze zich zeker niet verbeeld en had haar doen haasten naar de plek waar ze dacht dat ze het geluid vandaan had horen komen. De tweede noodkreet, daar was ze zich niet zo zeker van of ze zich die verbeeld had[1]. Maar dat maakte ook niet uit, want zodra ze de boomgaard uitwas zag ze waar ze zijn moest.

Ze haastte zich zo waardig als ze kon - want rennen deed Ehriondah niet - naar de twee personen op de grond.

Tegelijkertijd werd haar aandacht getrokken naar boven, waar dikke rook uit een raam opsteeg. Natuurlijk schoot onmiddelijk de gedachte door haar hoofd dat de school in brand stond. De schrik was één moment van haar gezicht af te lezen. Kijkend naar het raam bedacht ze dat het een lerarenkantoor moest zijn. Wat als er nog myrofas boven in dat kantoor zaten? Wat dan?

Ze zette al haar kapsones aan de kant trok haar rok een stukje op en sprintte nu met wapperende rok en mantel naar de twee op de grond.

Zwaar hijgend (zo goed was haar fysieke conditie niet, waar had ze die voor nodig) en met een hand op haar borst kwam ze tot stilstand bij de landelf. Het was de leraar wapenkunde. Met grote ogen keek ze de man aan die zich ontfermde over wat een heracor-leerlinge leek. Het zag er alles behalve goed uit. Toen ze haar eerste adem weer gevonden had vroeg ze bezorgd: "Wat is er gebeurd? Is ze gevallen?"
 1. Ehriondah heeft zich na haar mind-melt met Mocha redelijk afgeschermd voor Telepathie
« Laatst bewerkt op: 6 jaar geleden door Ehriondah van Uncha »

« [Reactie #21] : 6 jaar geleden »
Fellow was bijzonder opgelucht dat tenminste één myrofas op zijn roep om hulp reageerde. Hij verbaast toen hij zag dat het het witte schoolhoofd was van zijn jeugd. Natuurlijk had hij wel iets gehoord over een tijdelijke supervisor, gravin van Baden blablabla, maar hij had haar nog niet zelf gezien. "Vrouwe van Uncha?" Maar de verbazing duurde maar een seconde. Er waren belangrijker zaken aan de orde.

"Ik weet niet wat er is gebeurd. Ik zag haar achteruit uit het raam vallen. Ze wist zich nog even vast te houden en stortte toen naar benden. Ik probeerde haar nog op te vangen, maar ze was te ver weg en viel te snel. Ze bloedt en ik denk dat ze haar rug heeft gebroken. Kunt u de dokter halen? Of bent u misschien magisch? Dat u zelf wat bloeding kan stoppen of haar kan vervoeren?

En ik dacht dat ik daarboven nog beweging zag. Dus ik vrees dat er nog iemand anders in dat kantoor is. Misschien weet die persoon meer?" Of is de dader. Het was behoorlijk veel tekst achter elkaar voor de landelf. Zoveel sprak hij alleen in de tijd dat hij nog kapitein was, maar dit was dan ook wel een noodsituatie, waarbij het ook belangrijk was dat hij veel informatie overdroeg.
Too sweet to function

« [Reactie #22] : 6 jaar geleden »
Het ontging Ehriondah volledig dat de ander haar "Van Uncha" noemde. Ze keek omhoog en weer naar beneden naar het meisje. Er moesten te veel dingen tegelijk gebeuren en deze man moest hier blijven.

Al pratende probeerde ze snel na te denken. "Ik weet te weinig van geneeskundige magie om zoiets te doen. Ik kan haar wel optillen, wellicht ook verplaatsen maar aangezien het over haar rug gaat weet ik niet of ik haar zo stabiel kan houden.... Ik kan wel naar boven vliegen...hulp halen...kijken of er nog iemand binnen is...er zou brand kunnen zijn..."

Ze moest haar gemakkelijk kunnen tillen en stilhouden, ze was nota bene wilsmagister.
Toch was ze eigenlijk te onzeker, ze had het al zo'n zeven jaar niet meer echt bijgehouden en magie was sowieso een beetje een heikel puntje sinds haar hoofd door de spreekwoordelijke gehaktmolen was gehaald.

Ehriondah kneep haar ogen samen en fronste heel oncharmant voor een moment alsof ze werelds meest ingewikkelde formules probeerde te kraken.

"Ik vlieg naar boven. Kijk wie daar is en haal hulp. Ik kom zo terug, misschien kan dit haar warm houden?"

En met dat ze het zei gooide ze haar mantel af, waarmee ze toch niet kon vliegen en vloog omhoog naar het openstaande raam.

Ze sloeg een mouw voor haar mond maar kon toch niet voorkomen dat ze moest hoesten toen ze door het open venster de kamer in stapte. De kamer zag blauw van de rook in het midden lag een phaosfee. Eerst een golf van opluchting, er leek geen brand te zijn.[1]Ehriondah knielde bij hem neer en controleerde of hij nog leefde, het was de docent telepathie. Neruth heette hij; een man die ze niet kende, maar die haar niet heel aardig toescheen. Ach, dat mocht niet uitmaken voor het feit dat ze hem nu moest gaan redden, want hij leefde nog wel, maar wilde hij niet stikken in de rook dan moest hij hier zo snel mogelijk weg.

Met een moeilijke blik begon ze hem dan toch maar op te tillen met wilsmagie. Hij leek niks te hebben met zijn rug dus daar waagde ze het maar op. Het viel haar ongelofelijk tegen hoe haar dat nog lukte en soms slepend, soms tillend en tegelijkertijd kuchend kwam ze met de man het kantoor uit, waarvan ze maar aannam dat het de zijne was. Op de gang trilde ze even van inspanning terwijl ze de man zo neer zette dat hij met zijn rug tegen de muur kon steunen.

Ze draaide zich om, en zag in de gang een enigszins verbouwereerde leerling staan[2] die ze opdroeg: "Jij! Haal de schoolarts. Zo snel als je kunt! Nu!" Zelf liep ze het lokaal weer in, waar de rook nu snel minder werd en leunde uit het raam tot ze de landelf en het meisje zag, die er vanuit dit perspectief maar vreemd bij lag. Het gaf haar de rillingen. Ze hoopte niet dat in haar tijd als waarnemend schoolhoofd een leerling zou overlijden, hier had ze zich niet voor aangemeld...

Ze riep naar beneden: "Hulp komt er aan." Waarna ze weer de bewusteloze leraar opzocht en bij hem neergeknield wachtte tot de arts zou komen. Wat had hij er mee te maken? Was dit een ongeluk? Ze hoopte het maar, anders mocht deze phaosfee hopen dat hij niet snel zijn bewustzijn zou hervinden.
 1. Ik dacht dat dit klopt, als het niet zo is, dan verander ik het snel want het maakt wel uit.
 2. voel je geroepen

« [Reactie #23] : 6 jaar geleden »
Geeuw. Wingin was moe, hij had gisteren tot zeer laat huiswerk zitten maken. Het was zo'n dag dat leraren niet genoeg taken konden geven. Zo'n dag dat je uren bezig was met honderd verschillende taken. De anderen hadden het al lang uitgesteld, maar Wingin niet. Maar nu waren de anderen wel uitgeslapen en Wingin niet.

Hij sjokte zich voort, geeuwend, met halfopen oogjes. Hij passeerde langs de lerarenkantoren, op weg naar de leerlingenkamer. Hij had waarschijnlijk een veel te lange omweg genomen, maar hij had zijn gedachten dan ook niet bij de weg gehouden. Maar hij was opeens klaarwakker toen hij een hele wolk rook in de gang zag hangen. Van waar was die afkomstig?

Hij liep aarzelend dichterbij, en zag meer rook vanonder de deur opstijgen. Was er brand in het kantoor? Wat moest hij doen? Roepen? Hulp halen? Heldhaftig zijn en kijken of er niemand gered moest worden? Zijn ogen begonnen te tranen en hij kuchte zeer zacht. De rook kwam in zijn keel terecht. Als bij wonder ging de deur open en kwam er een vrouw naar buiten. Een hele vlaag rook kwam mee, en nu moest hij wel even goed hoesten.

Met een verbazingwekkende snelheid denderde hij door de gangen, duwde alles en iedereen aan de kant dat hij tegenkwam. Er werd geroepen en gevloekt achter hem, maar dit was misschien een zaak van levensbelang. Toen hij uiteindelijk bij de ziekenzaal was, stormde hij meteen binnen en liep meteen op de dokter af. Hij tikte op haar schouder en wenkte haar om mee te komen.

''Zeer dringend! Brand! Moest meteen komen!!''
The happy, crazy halfgoat!

« [Reactie #24] : 6 jaar geleden »
Volledig buiten westen had de heer Neruth niks door van wat er allemaal met hem gebeurde en hoeveel moeite de vrouw had om hem te verplaatsen. Hij zou het vernederend hebben gevonden. Maar gelukkig bleef de man in zijn pijnloze en gedachteloze slaap.

Zijn adem klonk piepend en ging moeizaam; langzaam schemerde de pijn van zijn longen door in zijn slaap. Hij werd onrustig, bewoog, kuchte, had een hoestaanval en spuugde wat roet en bloed op. Zijn ogen flikkerden een halve seconde open. Heel misschien zou je een woord kunnen opmaken tussen het hoesten door. "Zare?"

Pijn trok hem echter al gauw weer binnen in dat zwarte lege plekje, zonder besef van tijd of materie.
__________________________________________________________________

Eleonora Vasiles, gevoelig voor magie als ze was, had van een behoorlijke afstand de hulpkreet van de wachter gehoord. En tja, het nimfje zou haar eigen medelevende zelf niet zijn als ze er niet gelijk op af ging om te kijken wat er nu aan de hand was. Misschien kon ze helpen en anders had ze in ieder geval het geheel met haar eigen ogen gezien. En ze verveelde zich. Allemaal redenen waarom het nimfje glibberend en glijdend na een sprintje bij de wachter, heer Merdun zag ze, aan kwam.

"Heer Merdun? Kan ik helpen?" Het meisje knielde bij de twee landelfen neer en wierp een blik op de gewonde. Haar ravenzwarte haren en hoekige gezicht kwamen haar bekend voor. "Zare." Het was meer een kreetje dan een naam. Zare lag verkeerd. Heel verkeerd. Alsof haar rug had besloten zichzelf om te draaien, terwijl de rest van haar lichaam nog normaal was. Zare en zij waren eens bondgenoten. Verraden en geforseerd, maar wel bondgenoten. En Leo was nou eenmaal niet zo hatelijk en nogal vergevingsgezind, ze wilde niet dat Zare dood ging. Lichte paniek stond in haar ogen, maar ze wist het in controle te houden. "Wat kan ik doen?" Meer wanhoop deze keer. "Komt de dokter al?"