Welkom, reiziger. [Log in] of [registreer je]. [Activerings-mail niet ontvangen?]


home
contact
chat
2
1
1
Stuur bladwijzer

Iemand op de hoogte brengen van dit topic? Iemand vragen om hier een bijdrage te plaatsen? Stuur een bladwijzer!

Als de wijn is uit de kruik  (643 keer gelezen)

Speeldatum: 16 november 1300 (Einde herfst)

0 leden en 1 reiziger bekijken dit verhaal.

« [] : 6 jaar geleden »
Hij was leeg. Zo goed als leeg dan. Je hoefde de karaf niet op zijn kop te houden om tot zo'n scherpzinnige conclusie te komen. Je hoefde er niets over te zeggen of te bewijzen. Je hoefde zelfs niet nuchter te zijn om tot een dergelijk baanbrekend dinges te komen.

Iets met een c. De landelf fronste. Wat was het ook maar weer? Consternatie? Ceterum censeo Carthinadinges? Meer wijn. Dat was in elk geval noodzakelijk. Hij knipte met zijn vingers, maar geen hond die op hem lette. Zelfs de pup op zijn voeten niet. Hij knipte nogmaals. Zelfde resultaat.

Ergernis overspoelde de landelf en hij sloeg met zijn beker hard op de tafel. Toen hij eindelijk de aandacht had, wees hij chagrijnig in de beker. Meer wijn en snel. Dat dat even overkwam.

« [Reactie #1] : 6 jaar geleden »
Het meisje met de wijnkan schrok zich dood. Ze was druk in de weer en liep net langs de man zijn tafel toen hij, zonder woorden, haar beviel om wat wijn. Het meisje deed wat van haar verwacht werd en schonk de beker vol voordat ze weer verder liep.
Bhhr wat een enge zwijgende man.

Rodolf had de man een tijdje in de gaten gehouden. De man zweeg en dronk wijn. De landelf bekeek de oudere nog eens goed. Hij had hem eerder gezien. Was het niet de man die toen zin had in een pleziertje?

De waard legde zijn doek weg en liep op de man af. 'Goedenavond heer, U heeft al aardig wat gedronken. Prima, maar als u mijn serveersters niet zo wil laten schrikken met u beker zou ik dat op prijs stellen.' Het meisje wat zo geschrokken was, werkte er maar pas net. Rodolf wilde niet dat ze na een week ontslag zou nemen.

« [Reactie #2] : 6 jaar geleden »
Terwijl de serveerster zijn beker vulde, legde de landelf een muntje op een stapeltje voor hem op de tafel. Het was een gestaag groeiend stapeltje, maar Carathin had nog veel muntjes in zijn buidel. En een fooi zou hij dit keer niet uitgeven.

Het meisje verdween en de elf nam de beker weer ter hand. Hij proefde de drank nauwelijks meer, maar de alcohol erin voegde zich bij de alchohol die al in zijn lichaam zat. De lichte maaltijd die hij eerder op de avond had genuttigd zou het effect ervan nauwelijks tegengaan.

De waard naderde zijn tafeltje en bleef staan. Wilde hij soms al geld zien? Mmm. Kennelijk had hij het serveerstertje laten schrikken en kwam de jonge elf hem nu op zijn kop geven. Carathin keek even op van zijn wijn en maakte met zijn linkerhand een grof gebaar dat landelfen normaal gesproken reserveren voor hun grijze 'broeders'. Vervolgens dronk hij verder alsof de waard domweg niet bestond.

« [Reactie #3] : 6 jaar geleden »
De man bleef zwijgzaam zoals hij de hele avond al was. Was hij zijn tong verloren ofzo?[1] Rodolf zag het gebaar, werd daar niet al te vrolijk van maar negeerde het. Hij had de man gewaarschuwd en daarvoor was hij gekomen.

De jonge waard verliet de tafel en nam weer plaats achter de toog. Hij zou de man ook wijn kunnen weigeren maar dat kosten hem centen. De klant was koning, als hij echt vervelend werd kon hij hem er altijd nog uit gooien.

Rodolf was blij met zijn besluit en ging verder met zijn werk. Wel hield hij de zwijgende man in de gaten.
 1. Haha, ik vind hem heel flauw eigenlijk..

« [Reactie #4] : 6 jaar geleden »
De deur van de herberg ging open en een man kwam binnen. Hij droeg oude kleren die de tekenen van een eenvoudig en zwaar leven droegen. Het was Rhiakath, die zijn gezicht zo goed mogelijk verborg onder de kap van zijn mantel. Hij wist dat de landelfdocent in de herberg was, aangezien hij hem gevolgd had. Het was al weer even geleden dat de aanval op Ypsilon plaats had gevonden en er moest iets gebeuren. Na lang wikken en wegen had Rhiakath besloten een gok te wagen.

En dus was de weerwolf nu in de herberg die hij vroeger bezat. De man bewoog rustig in de richting van de landelf en plofte uiteindelijk bij hem neer. Rhiakath keek hem aan, zich afvragend of dit een verstandig besluit was geweest. "Goedenavond heer Carathin," zei de weerwolf. "Hoe maakt u het ondertussen?"
Vampires aren't immortal. They're just harder to kill.

« [Reactie #5] : 6 jaar geleden »
Carathin keek verstoord op van zijn wijn toen iemand ongevraagd aan zijn tafeltje kwam zitten. In een snelle beweging gingen de munten op het blad naar een plek direct voor zijn borst. Hij wilde de arbeider met een ongeduldig gebaar wegsturen, een half oog werpend op de waard, maar stokte even toen zijn naam werd genoemd.

Hij negeerde de vraag van de ander, terwijl hij probeerde te bedenken wie de persoon moest zijn die hem kende. De stem had hij eerder gehoord, daar was hij vrij zeker van, maar de eigenaar ervan kon hij niet thuisbrengen. Carathin fronste, schudde met zijn hoofd om de nevels kwijt te raken die zijn denken vertroebelden.

De pup aan zijn voeten was wakker geworden en snuffelde enthousiast aan de nieuwkomer. Vreemd gedrag voor de jonge hond. Het dier was angstig en wantrouwig tegenover myrofas. Een direct gevolg van de nachtelfenoverval.
Toen Carathin van de ziekenzaal was ontslagen had hij met angst en beven gezocht naar het enige dat hem nog de moeite waard leek om voor in leven te blijven: de jonge pup die hij zo recent had gekocht. En hij had hem gevonden, trillend in het stro, met anderhalf oor en een aantal helende kneuzingen. Het had hem dagen gekost om het vertrouwen van het diertje weer te winnen, zeker nu hij zijn stem niet meer kon gebruiken om geruststellende woorden te zeggen.
Met verbazing bekeek hij het vertrouwen van het dier.

De landelf zette zijn beker weg en gebaarde naar zijn mond, schudde zijn hoofd. Het was beschamend om zijn stomheid kenbaar te moeten maken. Hij hoopte maar dat de ander het zo begreep en dat hij niet zijn tong - of wat daarvan over was - hoefde te tonen.