Welkom, reiziger. [Log in] of [registreer je]. [Activerings-mail niet ontvangen?]


home
contact
chat
2
1
1
Stuur bladwijzer

Iemand op de hoogte brengen van dit topic? Iemand vragen om hier een bijdrage te plaatsen? Stuur een bladwijzer!

Vervlogen tijden  (376 keer gelezen)

Speeldatum: 22 september 1300 (Begin herfst)

0 leden en 1 reiziger bekijken dit verhaal.

« [] : 4 jaar geleden »
 :prive:

Het leek wel eeuwen geleden, die avond voor het nieuwe jaar. Een feest met een fantastische sfeer, heerlijk voedsel en veel drank. Zo was het feest van Solas' oom Gunthar geweest. Er waren vele genodigden, zowel myrofas als niet-myrofas, want landelfen vielen niet erg op tussen de menigte en zolang er genoeg te eten viel lieten de mensen de elfen ook met rust. Solas was ook uitgenodigd en hij had de uitnodiging geweigerd als Shellymhai hem niet had willen vergezellen. Zijn avond was geweldig en hij had Shellymhai beter leren kennen, maar al snel was het weer tijd voor school en moest Solas terugkeren naar Bumetrel om zijn laatste jaar te voltooien.

Het jaar was enorm druk geweest en Solas had veel te doen gehad voor zijn lessen, waardoor hij zijn sociale contacten maar weinig had onderhouden. Verder had hij zich verdiept in elixers en andere magie. Solas was echter nog niet geslaagd, dus besloot hij nog eens een bezoek te brengen aan de bibliotheek, aangezien meneer Vladistov er niet meer was.
Solas zocht een aangenaam plekje in de bieb en zette zich aan een tafel met een stomp was, overblijfselen van de kaars die er gisterenavond had gebrand. Uit zijn leren tas haalde Solas een boek over toverspreuken die in het zesde jaar gekend hoorden te zijn. Solas kende de spreuken al, maar had ze nog niet honderd procent onder controle en hij wilde zijn examens vlekkeloos afleggen, dus bedacht hij dat het misschien beter was ze nog eens te bestuderen.

Het dikke, in leer gebonden boek was nog maar even open of de lezer werd afgeleid toen iemand de hoek om kwam.
De aanval is de beste verdediging.

« [Reactie #1] : 4 jaar geleden »
Na het feest waar Shellymhai met Solas heen was geweest, was hun contact weer verwaterd. Even, heel even, was hun vriendschap heel hecht geweest en leek het er echt op dat het meer dan alleen een vriendschap was. Solas had haar echter laten liggen, ze was doorgegaan met haar gewone leven bestaande uit lessen, huiswerk, contact met haar broertje en zo af en toe met Lynna en zo nu en dan een verfrissende wandeling. Dit keer had een korte wandeling haar tot de bibliotheek geleid. Ze hoopte min of meer dat er een van haar vrienden zou zijn, maar ze had niet gedacht dat degene die er was, er zou zijn.

Het was Solas.

Het was dat rennen niet mocht binnen het gebouw van de school en al helemaal niet in de bibliotheek, anders was ze op hem afgerend. "Solas!", fluisterde Shelly zo hard als het op het zachte geluidsniveau van de bibliotheek mogelijk was. Ze liep wat sneller op hem af en ging snel zitten op een stoel naast hem.
Ze keek ongegeneerd naar hem en lette vooral op wat zijn goede oog uitstraalde, zou hij blij zijn haar weer te zien of stoorde ze hem tijdens het leren? Het had er niet op geleken dat hij helemaal verdiept was in zijn boek toen ze aan kwam lopen. Natuurlijk wilde ze weten waarom hij geen contact met haar had gezocht. Hij was toch echt de man en mannen deden altijd alsof ze veel macht hadden, dus zouden ze ook maar initiatief moeten nemen. Heel even spookte de gedachte door haar hoofd dat hij bewúst geen contact met haar had gezocht, maar die verwierp ze snel en verdrong hem daarna met een glimlach op haar gezicht.

« [Reactie #2] : 4 jaar geleden »
Solas' hart sloeg op hol toen zijn oog op de storende factor viel. Shellymhai stond plots voor zijn neus, helemaal onverwacht, en sprak hem ook meteen aan. De jongeman moest de situatie eerst even in zich opnemen voor hij plots begon te glimlachen. Hij stond op en liep naar Shellymhai toe. "Shell, het lijkt wel een eeuwigheid geleden sinds ik je voor het laatst zag", zei hij toen hij voor haar bleef stilstaan.

Precies een jaar geleden had Solas haar voor het laatst gezien. Die stelling wist hij zelf ook wel te beantwoorden, maar van blijdschap kon hij zich niet bedwingen. Hij voelde zich rot dat hij zijn vriendin had laten zitten. Het was echt zijn bedoeling niet geweest en hij zou niet vaak genoeg kunnen zeggen hoeveel het hem speet.

Helemaal van de kaart vroeg de jonge landelf (ietwat te luid naar de bibliothecaris' zin): "En... Hoe gaat het met je? Is alles goed met Khaihpaht?"
De aanval is de beste verdediging.

« [Reactie #3] : 4 jaar geleden »
Bijna kreeg Shellymhai de neiging haar 'verloren' vriend - die ze zojuist weer gevonden had - te omhelzen, maar dat zou vast niet binnen de regels van de bibliotheek vallen. Stiekeme afspraakjes tussen rekken boeken zou de bibliothecaris ook vast niet op prijs stellen, dus waarom dit wel? "Van een eeuwigheid kun je wel spreken, ja." Iets wat ook zou betekenen dat ze nu beiden verschrikkelijk oud waren en ze zich verschrikkelijk volwassen zouden moeten gedragen. Wat verschrikkelijk lastig zou worden, op hun leeftijd. Alles was gewoon verschrikkelijk. Verschrikkelijk klonk echter wel alsof het iets met schrikken te maken had, maar dat betwijfelde ze.

"Met mij is het goed, school gaat prima en met Khaihpaht gaat ook alles nog zoals je zou verwachten. Hoe is het met jou? Je leeft nog, dat is iets." Waarom ze dat laatste eruit flapte wist ze ook niet. Misschien zou hij zo nog wel gaan denken dat ze, door hun lange tijd zonder elkaar, was gaan denken dat hij dood was en haar daarom niet meer opzocht. Eerlijk gezegd zou ze het niet eens heel erg vinden als hij dacht dat zij dat dacht. Spijt zou vast goed zijn om hun band weer goed te maken.

« [Reactie #4] : 4 jaar geleden »
Solas grijnsde dom, denkend dat Shellymhai aan het grappen was. Hij antwoordde, nog steeds met de domme grijns: "Ik maak het ook goed. De laatste tijd ben ik ook zelfstudie aan het doen en studeer wat extra buiten de lessen. Daarbij nadert het einde van het schooljaar en komen de examens er aan, dus daar ben ik ook volop voor aan het studeren. Ik heb nog niet echt veel tijd gehad jou of iemand anders op te zoeken, sorry."

De jongen wilde maar al te graag wat meer afspreken met Shellymhai. Dat wilde hij al sinds de dag dat hij haar ontmoet had, maar die verlangens waren even aan de kant geschoven voor zijn studies. Nu Solas Shellymhai echter weer terug zag, konden zijn studies hem niets meer schelen.

Om het gesprek weer nieuw leven in te blazen, vroeg Solas verder naar Shellymhai's leven op Bumetrel: "En, heb je nog wat speciaals beleeft op Bumetrel? Heb je nog iemand nieuw ontmoet?" Bij dit laatste probeerde Solas te weten te komen of Shell geen oogje op iemand anders had. Maar dat wist zij natuurlijk niet.
De aanval is de beste verdediging.