Welkom, reiziger. [Log in] of [registreer je]. [Activerings-mail niet ontvangen?]


home
contact
chat
2
1
1
Stuur bladwijzer

Iemand op de hoogte brengen van dit topic? Iemand vragen om hier een bijdrage te plaatsen? Stuur een bladwijzer!

Rennen, vallen, opstaan en weer doorgaan.  (439 keer gelezen)

Speeldatum: 12 november 1299 (Einde herfst)

0 leden en 1 reiziger bekijken dit verhaal.

« [] : 5 jaar geleden »
'Leerlingkamer Heracor? Weet je het zeker? Bedankt,' de eerstejaars luchtelfje kreeg een glimlach toegeworpen en Will-Sean wenste voor de zoveelste keer dat hij langer zou zijn. Het was doodvermoeiend om zelfs tegen de achtjarige kinderen van de schoonmakers op te moeten kijken.

Hij beende naar de richting die de luchtelf hem toegewezen was. Hij mocht dan wel Socophon zijn, maar hij was zesdejaars en had twee familieleden in Heracor, dacht het groentje echt dat hij de weg niet wist? Hij wou alleen weten waar de twee bengels die hij net als familieleden had gebrandmerkt uithingen. Nou, leerlingenkamer dus.

Hij kreeg een deja vu van een jaar of wat geleden. Nee, het was korter, nauwelijks een maand of negen. Hij had toen ook door deze gangen gelopen, ook opzoek naar Bill en Wilbert en ook met slecht nieuws. Even verzachtte hij zijn gefronste wenkbrauwen. Dan was dit probleem nog niet zo erg. Hij miste zijn vader nog elke dag.

'Wilbert! Bill!' riep hij terwijl hij de leerlingenkamer binnenliep. Normaal schreeuwde hij niet, maar het was zo'n lawaai dat er weinig opties overbleven. Toen hij de aandacht van de twee had gevangen zwaaide hij met het perkament dat hij vasthield. 'Moet jullie dit eens zien!'[1]
 
 1. Een brief waarbij dingus (diegene die de het kasteel op dit moment beheert) de politieke situatie in Nascam uitlegt. Nascam bereidt zich half voor op de strijd, maar een beetje. In iedergeval moeten de edelen soldaten klaar hebben[1]
 1. Verbeter me alsjeblieft als er iets niet klopt.
I'm not a nerd. I'm just smarter than you.

"Schaakmat'' zei Wilbert tegen zijn neef. Hij was samen met Bill aan het schaken en keek niet eens meteen op toen iemand binnen kwam. Hij had de deur niet eens open horen gaan, maar misschien kwam dat wel door dat rumoer. Pas toen zijn naam geroepen werd keek hij op van het schaakbord.

Bill zat eerst nog met gefronste wenkbrauwen naar de pionnen te kijken totdat iemand hem in zijn zij porde. "Heh! Laat dat e-'' Hij maakte zijn zin niet af toen hij zag dat zijn tweelingbroer in de deuropening stond. Hij sprong op en rende naar hem toe. ''Wat is dat Willie?'' Vroeg hij op een normaal stemformule. Athlans het was voor hem een normaal stemformule, met zijn stem kwam hij nog boven het hardste geschreeuw uit, moest je je eens voorstellen wanneer hij ging schreeuwen.

Ook Wilbert was opgesprongen en naar zijn oudste neef gehold, oftewel gelopen. "Ja wat staat daarin?!" Schreeuwde hij met een poging boven het lawaai uit te komen. "Zullen we trouwens  ergens anders gaan praten?!'' Het leek hem niet zo fijn communiceren in de leerlingenkamer.

Mocht je ooit de merifelkamer binnen stappen, dan zou je knallen horen, kreten, versnipperend papier, een symfonie gemaakt door bengels. In vergelijking daarmee was Socophon stil. Je hoorde enkel gekras op papier, wat rustig gefluister en een vloek wanneer een inktpotje omviel.

Maar dat was ook muziek. Zoals Merifel vergelijkbaar was met snelle gitaarmuziek, was Socophon eerder een combinatie van rustige fluittonen en wat vals sopraangezang.
Heracor was weer anders dan de andere twee, van het geschreeuw, gegil en liedjes, kon je weinig meer maken dan een heleboel lawaai, maar het had wel iets weg van slaan op trommels. Will hield niet van trommels.

'Noem me geen Willie,' zei Will-Sean wat geërgerd. Hij haatte die bijnaam en hij en zijn tweelingbroer hadden er altijd bonje over. 'Ja, goed idee Wilbert. Dat jullie hier kunnen leven.'
Toen hij ver genoeg van de leerlingkamer verwijderd was om weer normaal te kunnen praten, zwaaide hij met de brief. 'Nascam maakt zich klaar op een oorlog! Dat zegt Leneard tenminste.'
I'm not a nerd. I'm just smarter than you.

Bill hield enkel zijn schouders op bij de reactie van zijn tweelingbroer en zei:"Nou zo erg is het toch niet Willie? Die naam maakt je alleen maar schattig heh Bertje?" Bij dat laatste keek hij Wilbert aan met een ondeugende blik in zijn ogen.

Wilbert keek Bill boos aan en trapte wat gefrustreerd met zijn hoef op de grond. Het had geen enkele nut om er op in te gaan. Bij de mededeling van Will-Sean begonnen zijn ogen te glinsteren. "Dus nu moeten ze vast soldaten bij elkaar roepen!" Merkte hij op. "Zou ik ook mee mogen vechten?" Hij hoopte van wel, dit was zijn kans te laten zien dat faunen ook konden vechten en beter nog dat hij goed kon vechten. Helaas kon hij na afloop dan niet meer vader's of beter gezegd oom's trotse gezicht zien.

Bill keek Wilbert aan alsof hij gek geworden was. "Natuurlijk mag jij niet vechten, jij bent een jonkie een groentje je moet eerst nog leren hoe je een zwaard kan vasthouden. Bovendien mogen wij beiden niet vechten aangezien we nog op Bumetrel zitten. En als het zover zou mogen komen dan kiezen ze mij natuurlijk eerder dan jou, dat begrijp je zeker wel."

Bij de woorden van Bill gaf Wilbert hem een vernietigende blik en zei strijdlustig:"Ik zal jou eens laten zien wie hier een groentje is!" En met die woorden gaf hij Bill een harde duw. Die vervolgens zo kwaad als die werd weer boven op Wilbert sprong. De aanwezigheid van Will-Sean helemaal vergetend.

Will-Sean keek met een mengeling van, lichtelijke amusatie, verbazing, verveling (dit was iets wat tegenovergesteld aan elkaar omdat dit wel vaker gebeurde[1], maar het hem elke keer verbaasde). Ook was er afkeer op zijn gezicht te zien. Zijn broer en neef waren van adel (al een van hen een bastaard) en ze hoorden niet vechtend over de grond te rollen waar iedereen dat kon zien. Ze mochten dan wel kunnen vechten, maar dat was geen reden om dat open en bloot de demonstreren in de gang. Ze leken wel ordinair voetvolk.

Hij probeerde zo dicht mogelijk te komen zonder dat hij een hoef tegen zijn been kreeg en probeerde iets van beide faunen te pakken te krijgen, 't maakte niet veel uit wat.
Hij kreeg Bills mouw in zijn handen en wist er een ruk aan te geven zonder dat hij zelf naar voren tuimelde. Met zijn andere hand pakte hij Wilberts oor en draaide het nogal pijnlijk. Hij knielde naast zijn familieleden neer.

'Er komt een oorlog en jullie vechten beiden níet mee. Want voor jullie het vergeten waren, ík ben degene die daar vetorecht op heeft en bij deze, die geef ik. Ik laat jullie niet vechten in een of andere stomme oorlog en daar het hoofd bij verliezen. Oorlog is geen roem, eer en spanning, oorlog is moord, verraad en een heleboel papierwerk. Nou, kom overeind en probeer elkaar niet te vermoorden. Gedraag je als Jagers!'
En na deze kleine toespraak liet hij de twee los.

Bill kwam met wat gevloek overeind, waar Will tijdelijk doof voor was. 'Dat was volgens mij heel Jagerachtig, broertje, als je het mij vraagt. Maar waarom zouden we niet mee mogen vechten? Ik ben over iets meer over een jaar toch al van school af. Dan ben ik een goed genoeg vechter om niet door elke idioot meteen vermoordt te worden.'
Will-Sean schudde resoluut zijn hoofd. 'Jij mag lekker met poppetjes gaan schuiven, landkaarten tekenen en in het algemeen het kasteel beheren als ik op Ypsilon zit. Bovendien, Nascam maakt zich alleen maar kláár voor oorlog. Niemand zegt dat dat ook echt gaat gebeuren.'

 1. Als ik zo het karakter van Wilbert en Bill bekijk, denk ik dat het wel vaker gebeurd dat ze ruzie krijgen, maar als je er niet mee eens bent, moet je even hoppen, dan pas ik het aan
I'm not a nerd. I'm just smarter than you.