Welkom, reiziger. [Log in] of [registreer je]. [Activerings-mail niet ontvangen?]


home
contact
chat
2
1
1
Stuur bladwijzer

Iemand op de hoogte brengen van dit topic? Iemand vragen om hier een bijdrage te plaatsen? Stuur een bladwijzer!

Ruim je rommel eens op, prinsesje  (1906 keer gelezen)

Speeldatum: 18 juni 1299 (Begin zomer)

0 leden en 1 reiziger bekijken dit verhaal.

« [] : 6 jaar geleden »
Het was een lange dag geweest. Balthasar was te laat gekomen bij het college Spreuken, had op zijn donder gekregen van de professor en had ook nog eens de helft van de stof niet gevolgd. De afgelopen nacht had ook niet echt meegeholpen. De nachtelf had slecht geslapen en was dus al de hele dag moe en prikkelbaar. Na Spreuken was er nog een practicum van Elixers geweest, wat ook niet bepaald denderend ging.

Hij liep nu dan ook sacherijnig in de richting van zijn kamer. Toen hij het huis in liep wierp hij een blik op de keuken. De vaat van Mirwen stond er nog steeds. Balthasar zuchtte diep, smeet zijn spullen in zijn eigen kamer neer. De nachtelf gaf een roffel op de deur van het meisje. 'Als het uwe koninklijke hoogheid behaagt, er staat nog een afwas.'
Attitude is a little thing that makes a big difference ~ Winston Churchill

Mirwen deed de deur open en keek Balthasar met een flauw glimlachje aan. "Goed dat je me eraan herinnert, Balthasar, ik moest je nog op je kop geven dat jij de afwas nog steeds niet hebt gedaan. Of anders dat vrouwtje van je." Het was een weerwolf dus ideaal voor de huishoudelijke taken.

"Trouwens, nu ik je toch spreek, ik heb last van haar." Dat Soe ook een naam had, werd voor het gemak vergeten. "Ze zit zo vaak op het gemak en als ze ergens staat, blokkeert ze het hele pad. Heb je haar soms een varken in laten slikken?" Het was ook een soort steek naar de andere nachtelf toe, alsof hij zulke gedrochten voortbracht dat zijn vrouw nu een soort opgeblazen kogelvis was.

"Dat was het dan verder, denk ik?" Ze stond op het punt om de deur voor zijn neus dicht te gooien.

'Dat ik de afwas niet gedaan heb?' vroeg Balthasar en keek haar kwaad aan. 'Als je te lui bent om je eigen afwas te doen dan vraag je maar aan je vader de koning of hij niet wat van zijn onderdanen kan sturen om je te verzorgen en af te schermen van de echte wereld.'

Hij hield met één hand de deur vast, het meisje leek hem veel te genegen om het ding voor zijn neus dicht te gooien. 'Oh, wacht,' merkte Balthasar op. 'Je vader doet niet zoveel meer voor je, he?' Misschien was het niet handig de prinses van Hazdor tegen zich in het harnas te jagen. Nee, waarschijnlijk was dat helemaal niet handig. Maar ach, Balthasar had al zijn halve familie en driekwart van Bumetrel tegen zich in het harnas gejaagd.

'En klaag vooral tegen Avesoete, binnenkort is het volle maan. Ik wil anders wel even vragen of ze dan langs komt bij je?'
Attitude is a little thing that makes a big difference ~ Winston Churchill

"Nee, maar dat hoeft hij ook niet, want ik kan prima mijn eigen boontje doppen, sukkel." De prinses gaf de man een klap in zijn gezicht. "En jezelf nu hier aan mij opdringen in mijn kamer lijkt me geen goed idee." Ze maakte eigenlijk nog veel te veel woorden aan hem vuil.

"Kijk, Balthasar, ik weet dat je mij eigenlijk wilt, maar vast zit aan die wolvin van je, maar je maakt geen kans bij me. Leer er mee leven, bij Cerce."

Oh en nu moest ze natuurlijk onder de indruk zijn van dat hij ermee dreigde zijn vrouw met volle maan op haar af te sturen. "Ach, moet je vrouwtje het voor je oplossen? Ben je zwakker dan je wijfje? Ach gossie toch."

En toen werd hij in zijn gezicht geslagen. De vernedering. Balthasar spoog tussen Mirwens voeten op de vloer. Met een vies gezicht keek hij naar de nachtelfin. Wat een ongelofelijk onuitstaanbaar, verwend, arrogant rotkind was dit. Wie dacht ze wel dat ze was om hem zo te behandelen? Hij was een Abotan, hij kreeg wat hij wilde.

Dat zij een Tur-Anion was en dus nog vaker kreeg wat ze wilde, was iets wat niet helemaal doordrong tot Balthasar. Mirwen was amper uitgesproken toen Balthasar uithaalde. Hij sloeg haar niet in haar gezicht, maar greep haar bij haar keel[1]. 'Helemaal niemand hoeft er voor te zorgen dat ik krijg wat ik wil,' siste Balthasar terwijl hij haar tegen de muur in haar kamer duwde. 'Er zijn grenzen. Zelfs voor een omhooggevallen snol als jij.'

Niet handig. Nee, dit was niet handig. Maar het waarschuwingslichtje was defect.
 1. (9, 7) Winst bij hoger dan 4
Attitude is a little thing that makes a big difference ~ Winston Churchill

Mirwen had het niet zien aankomen. Ze schrok voor een fractie van het moment en snakte naar adem. Ze voelde zich even wat lichter in het hoofd worden, maar desondanks zette ze haar nagels in zijn handen en maakte ze met haar been een schopbeweging naar zijn kruis.[1] Dit mislukte volledig door de onhandige hoek waar ze in stond en het was ook maar een wilde poging geweest. Natuurlijk gaf ze niet meteen op.

Iets later, bekomen van de eerste schrik, probeerde ze zich zo te manoeuvreren dat ze zichzelf beter kon verdedigen en hem wellicht kon wegduwen met een schild.[2] Maar ook hier had ze domweg te weinig concentratie voor en dat gaf de jongen nu even wat meer vrij spel. Hij had de eerste ronde gewonnen of zo zag zij het, maar hij had nog lang niet gewonnen.
 1. (4, 1) -1 aftrek. Winst bij hoger dan 5
 2. (4, 6) -1 aftrek. Winst bij hoger dan 5

Goed, nu had hij de kroonprinses van Hazdor bij haar keel gegrepen en tegen de muur geduwd. Wat nu? Ze probeerde zich te verzetten, maar Balthasar had haar verrast. En hoewel hij vooral uit woede had gehandeld, wist Balthasar wel wat hij deed. Door haar bij de keel te grijpen had hij een groot fysiek en psychisch voordeel. Maar nu hij even rust had, drong gelijk de ernst van de situatie tot hem door. Dit zou hem niet in dank afgenomen worden. Aanvallen van een Tur-Anion, eventueel zelfs poging tot moord?

'potvolperen,[1]' vloekte Balthasar. De enige optie die hij zag was doorzetten. En wel zo snel mogelijk. Misschien kon hij dan onderhand een manier bedenken om dit tot een goed einde te brengen. De elf zette dus nog wat meer kracht, schopte met één been de deur dicht en gooide vervolgens Mirwen op de grond[2]. Dat ging niet heel goed. De deur was dicht, maar hij had Mirwen niet meer vast.

'Aposterandreos[3][4],' zei hij en stortte zich op het meisje.
 1. potvolperen,
 2. (2, 6) Winst bij hoger dan 5
 3. Iemand verlammen
 4. (7, 1) Winst bij hoger dan 5
Attitude is a little thing that makes a big difference ~ Winston Churchill

Voor haar gevoel kreeg Mirwen meer grip op de situatie. Balthasar liet haar los en sloot de deur. Hij vuurde een spreuk op har af en zij deinsde naar achteren uit. Wat de reden ook was, de spreuk mislukte en zij had vrij spel.

Nu was het haar beurt. Ze maakte gebruik van de brandende kaars in haar kamer en stuurde een vlam door de lucht heen naar Balthasar toe.[1] Ze grijnsde toen ze merkte dat ze de controle ook weer terug in de vingers had. De jongen zou zijn billen eens goed gaan branden en op de blaren mogen zitten. Niemand raakte een Tur-Anion op zo'n manier aan en kwam er dan mee weg!
 1. (9, 6) Winst bij hoger dan 6

Vervloekt. Dit ging helemaal niet goed. Ze had gehoorzaam en angstig bibberend op de grond moeten liggen. Het liefst roepend dat ze inzag dat ze verkeerd was en dat ze altij- vuur. Balthasar rolde zo snel hij weg van het vuur. Dat betekende ook dat hij weg moest rollen van Mirwen. Hij probeerde het vuur te stoppen[1]. Helemaal doven deed het niet, maar het was redelijk onschadelijk geworden. Hij keek naar zijn arm, ze had hem geraakt met het vuur. Maar hij voelde nog geen pijn. Balthasar krabbelde overeind en greep het eerste het beste wat hij zag liggen.

Opnieuw stortte hij zich op het meisje en haalde met het voorwerp uit[2]. De briefopener zou haar raken, misschien kleren scheuren en eventueel haar huid opentrekken, maar het zou haar niet ernstig verwonden. Hij moest iets doen om hier snel een eind aan te maken. Maar wat?
 1. (3, 10) Winst bij hoger dan 5
 2. (8, 2) Winst bij hoger dan 5
Attitude is a little thing that makes a big difference ~ Winston Churchill

Vuur doofde, Balthasar kwam op haar af. Ze moest snel iets bedenken. Een spreuk? Ze wist niets. Door de spanning kwam ze niet op de woorden of de gebaren van haar spreuken. Dan maar op het fysieke. Dat ging meer vanzelf. Bloed pompte in haar oren en op dit moment was ze haar vader dankbaar voor de vele trainingen die ze in haar leven had gehad.

Mirwen greep de arm met de briefopener[1], maar hij was sterker dan gedacht en het mesje wist haar nog te schampen en sneed de stof bij haar linkerschouder en sleutelbeen over. Een licht krasje zat op haar huid, maar er welde geen bloed omhoog. Opnieuw maar een knietje proberen. Dat was immers bij mannen het meest effectief.[2] Eens zien wat de jongen nu nog voor een praatjes had.
 1. (2, 4) Winst bij hoger dan 5
 2. (7, 10) Winst bij hoger dan 5

Au. Wat een lage streek, schoot er door Balthasar heen. Hij rolde weg, terwijl een doffe en misselijkmakende pijn vanuit zijn kruis zijn buik in trok. Het knietje was goed raak geweest. Terwijl vaag in zijn achterhoofd de gedachte opkwam dat hij haar af moest maken overheerste de pijn. Het duurde hem veel te lang voor de ergste pijn wegtrok. Oke, dit ging niet werken.

'Sorry,' bracht hij dus maar uit en ging op zijn knieën zitten. 'Zal ik de afwas dan maar doen?' zei Balthasar en deed een dappere poging ontwapenend te glimlachen. Waar was het misgegaan? O ja, op het moment dat hij haar vastgegrepen had. Of misschien op het moment dat ze beiden in hetzelfde huis kwamen te wonen.
Attitude is a little thing that makes a big difference ~ Winston Churchill

Mirwen grijnsde, overmoedig door haar overwinning. Ze knikte. "Doe dat maar. Vandaag en de rest van het jaar en misschien dat ik je dan deze aanval vergeef en zo niet... Dan vindt je in de vakantie de hoofden van je familie op staken..of wacht.. nee.. die moesten je toch al niet meer. Dan maar het lijkje van je eerstgeborenen.." Dus de jongen kon zich maar beter goed gaan gedragen en buigen naar haar iedere wens.

Ze wuifde naar haar deur. "Je kunt gaan." Ze wenste niet meer in dezelfde ruimte te zijn als dit onderkruipsel. Ze sloeg de armen over elkaar en hief haar kin hooghartig in de lucht. Niemand versloeg de prinses van Hazdor. Geen vrouw, geen man en zelfs geen Abotan.
Ze keerde hem de rug toe, het ultieme signaal dat ze hem als geen enkele dreiging zag.

Woorden deden geen pijn, in ieder geval niet zoveel als knietjes. De nachtelf deed echter alsof de woorden hard aankwamen. Bij de woorden over zijn zoon was dat niet zo moeilijk. Zijn relatie met zijn familie was niet heel denderend, maar niemand moest het wagen aan zijn kind te komen. Een vader die zijn kinderen niet kon beschermen was waardelozer dan ruftende straathond.

Mirwen draaide zich van hem weg. Dit was het moment om toe te slaan. Zo geconcentreerd mogelijk probeerde hij haar te verlammen[1]. Dat lukte goed. Hij ving haar half op toen ze tegen de grond zakte. Balthasar lachte spottend. 'Naïef kind. Ik krijg altijd wat ik wil.' Ze had hem in zijn mannelijkheid gekwetst. En ze zou zijn zoon vermoorden. De waarschuwingsbellen waren allang stilgevallen.

Balthasar greep de briefopener. 'Dus jij wilde mij bedreigen?' vroeg hij iets te rustig en hield het ding duidelijk voor haar gezicht. Vervolgens haalde hij uit. Niet richting haar gezicht, maar naar beneden. De briefopener was een halve dolk, het sneed door de kleding heen en zou een mooie rode streep achterlaten in haar huid. 'Ik heb me altijd al afgevraagd wat er onder die kleding zat.'
 1. (9, 10) -1 aftrek. Winst bij hoger dan 5
Attitude is a little thing that makes a big difference ~ Winston Churchill

En daar ging het mis. De hoogmoed kwam voor de val. Dat was precies wat er door de prinses heen schoot, toen haar lichaam zich verslapte en ze in duizelingwekkende snelheid de vloer in vertraging dichterbij voelde komen. Vlak voor ze de houten planken raakte, werd ze opgevangen, maar het was geen vriendelijk gebaar. Stekende woorden volgden, terwijl ze alsnog als een zwak dier op de grond lag aan de voeten van een ondergeschikte.

Knikken kon ze niet op zijn dreigende vraag, net zo min kon ze spreken. Ze had ooit wel geleerd om woordeloos haar magie te grijpen en een verlamming te doorbreken, maar plotseling was ze ook overvallen door een soort angst. Een angst voor wat hij haar aan kon doen en daardoor was haar verdediging gedoemd te falen. Nog nooit had iemand dit haar aangedaan, nog nooit had iemand dit gewaagd en hij deed het. Oefeningen hielden normaal op als ze dit punt had bereikt en kreeg ze een tweede poging om zich beter te weren. natuurlijk had ze wel littekens van de oefeningen, maar dit was menens, ze kreeg hier geen tweede kans.

Het mes sneed haar kleding open, in haar hoofd vocht ze tegen de pijn en in de echt wereld was een wat vaag gekreun hoorbaar. Onder haar kleding zag de jongen niet zo heel veel. Haar boezem, ja zeker, maar de rest vast veilig geborgen en vergrendeld achter een kuisheidsgordel van de beste Hazdoriaanse kwaliteit, haar vader nam het zekere voor het onzekere, want hij wilde haar immers ooit perfect uitleveren aan haar huwelijkse kandidaat.

Op dat moment ging de deur open.

De faun aan de andere kant van de muur had al een tijdje geprobeerd de herrie te negeren, terwijl hij zich concentreerde op de leerstof voor Myrofasculturen. Al vanaf dag één was duidelijk dat Mirwen en Balthasar elkaar niet mochten. Rick had op dag twee of drie besloten zich niet met hun overduidelijk afkeer tegen elkaar te bemoeien, zolang het de spuigaten niet uitliep, tenminste. Nachtelfen waren nu eenmaal ruzieachtige wezens, en als hij tussenbeide kwam, zouden ze hun woede vast op hem afreageren. Sommige dingen wilde je niet uitlokken.

Maar nu leken die spuigaten toch wel bereikt te worden. Rick overwoog eerst om op de muur te bonken en te roepen dat ze hun koppen moesten houden, maar met dat hij naar de scheidingswand liep, ving hij Mirwens bedreigingen op. Zoiets kon een man niet over zich heen laten gaan, dat kon zelfs de grootste stommeling begrijpen, en het lag dan ook niet voor de hand dat Balthasar 'ja mevrouw, goed mevrouw' zou zeggen en stilletjes weg zou gaan. Wat hij inderdaad ook niet deed.

Heel even aarzelde Rick nog. Maar kon hij met zichzelf leven als er hier naast hem wie weet wat voor ergs gebeurde en hij niets deed. Een soort plof op de grond nam de laatste aarzeling weg en twee tellen later duwde hij de deur open. 'Ophouden. Allebei!' riep hij met al het gezag dat hij als primus en stagiair had aangeleerd. Uit zijn ooghoek meende hij een beweging te zien. Zonder om te kijken of het inderdaad een van zijn twee huisgenoten was, of misschien alleen maar een fladderend stuk perkament, commandeerde hij: 'Ga decaan Tupac halen'. Een centaur zou deze twee heethoofden vast wel in bedwang kunnen houden.

Goed ... En wat nu?
Een grap moet kunnen, toch?

Een kuisheidsgordel! Welke idioot had bedacht dat.. ach, pa-lief natuurlijk. Balthasars hand gleed naar beneden. Degene die dat ding had uitgevonden had aan alles gedacht. Zowel de voor- als de achterkant waren beschermd. Misschien was dit wel goed, hij kon nog terug. Maar ach, wat hield hij zichzelf ook voor de gek. De koning zou zijn hoofd willen en er was niets dat dat zou kunnen voorkomen. Balthasar liet zijn hand weer naar boven glijden, over haar onderbuik heen. Die was verrassend strak, hoewel ontspannen door de spreuk.

Met zijn linkerhand greep hij haar bij de keel, terwijl hij half over haar ontklede lichaam heen lag. In zijn rechterhand had hij nog de briefopener, maar terwijl hij die vasthield greep hij een van haar borsten en zette kracht. En op dat moment werd de deur opengegooid. Had hij dat ding niet op slot gespreukt? Blijkbaar niet. Balthasar draaide zich half om en tilde daarbij de nachtelfin deels op. Het was een faun. Waarom waren het altijd faunen die ingrepen op dit soort momenten?

'Donder op,' beet Balthasar hem toe. 'Nachtelfzaken.'

En hij keerde zich weer tot het meisje. Ze leek nog niet helemaal te bevatten wat er allemaal gebeurde, constateerde Balthasar tevreden. Zo moeilijk was het niet om een prinsesje van haar voetstuk af te sleuren. Je scheurde haar de kleren van het lijf en dan verging het lachen haar wel. De prinses, met haar denigrerende opmerkingen. 'Ben je bang voor de dood?' fluisterde Balthasar en draaide zijn hand. Nu duwde het puntje van de briefopener recht tussen twee ribben, ongeveer ter hoogte van het hart.
Attitude is a little thing that makes a big difference ~ Winston Churchill

Natuurlijk was ze bang. Bang voor de dood en bang door wat hij deed. Hij betastte haar op een niet zedelijke manier en hoewel ze natuurlijk wel een negatieve reactie had uitgelokt, was dit niet iets wat ze ooit had verwacht. Ze kon niets terugdoen en dat was misschien nog wel het meest frustrerend.

De deur ging open op het moment dat ze in paniek begon te raken. Hij greep haar keel, haar borst en speelde met het mesje. Ze voelde een flintertje van hoop. Hoop dat ze gered zou worden al was het maar als faun. Ze zou als dank haar faunenslaafje in Hazdor dan wel vrij laten, als ze maar werd gered nu.

De enige vraag was of de redding snel genoeg kwam. Ze voelde het puntje van het mes in haar vlees prikken en de jongen werd steeds dreigender. En zij kon nog steeds niet. In de paniek probeerde ze het toch nog een keer om los te breken uit de verlamming.[1] Kort trilde ze even, maar ze was niet sterk en geconcentreerd genoeg om los te breken.
 1. (7, 7) -2 aftrek. Winst bij hoger dan 6

Dit was niet goed. Nee, helemaal niet. Balthasar was anderhalf keer zo groot als Rick, hij had een wapen en dat had hij gericht op een vrouw. Dat was, kortom, een uiterst gevaarlijke situatie, waar Rick waarschijnlijk niet zonder kleerscheuren uit zou komen. Maar hij kon toch ook niet een vrouw achterlaten in zo'n situatie, al had ze het dan zelf uitgelokt?

'Nachtelfzaken regel je maar in Hazdor,' snauwde hij dus.[1] Nou ja, dat wilde hij snauwen, maar zijn stem liet het op dit cruciale moment afweten. En Balthasar negeerde hem simpelweg. Dat had hij niet moeten doen. Rick, totaal geen vechter, werd woest, schoot op de nachtelf af en schopte Balthasar het mes uit zijn hand.[2]

Nou ja, dat was de bedoeling, maar hij raakte alleen maar zijdelings de arm. Maar wel met zijn blote hoeven. Intussen kon hij zijn beweging niet meer stoppen en struikelde hij min of meer tegen Balthasars zij, wat de ander wel uit balans moest brengen. Ik hoop maar dat Zalzi naar Tupac is gevlogen schoot het door Rick heen, maar zelfs áls het Zalzi was die hem had gehoord, dan nog was het onmogelijk dat er zo snel hulp zou komen. Zijn tweede gedachte was: Waar is dat mes?
 1. (3, 2) -1 aftrek. Winst bij hoger dan 5
 2. (4, 7) Winst bij hoger dan 7
Een grap moet kunnen, toch?

Misschien was het leven op de universiteit toch wat minder recht toe recht aan dan Zalzi had gedacht. Het was een lange, omslachtige dag geweest, vol colleges die het ene moment bijzonder logisch en voorgekauwde koek waren, gevolgd door colleges waarvan Zalzi geen ene bal meer snapte. En dan dacht je na acht uur aantekeningen pennen en begrippen stampen rustig thuis te kunnen uitrusten, was dat ook weer volledig onmogelijk.

Het was inderdaad geen stuk perkament geweest, maar Zalzi. De fee had al iets horen roepen toen hij bij de voordeur stond, niet wetend wat er verder zou gaan gebeuren. Hij kwam binnen, gooide met een boogje zijn tas op de bank en wilde er naast neerploffen, maar toen had Rick bevelende stem geklonken. "Ga decaan Tupac halen!" Barst, had Zalzi eerst gedacht, ik ben moe. Hij had de gealarmeerde toon in Ricks stem niet meegekregen.
Pas toen hij Balthazar ook uit Mirwens slaapkamer klonk én de faun tegen iets of iemand aan rende, veerde de fee omhoog vanaf de bank. Over de leuning kijkend zag hij niets, en hoorde ook behalve het gestommel niet direct iets. Ongerust liep hij naar de deur, kijkend wat er nou helemaal aan de hand was.

Jammer dus voor Rick kwam er niet direct hulp. Behalve een fee die vanaf een afstandje stond te kijken, niet helemaal wetend wat er aan de hand was. Twee studenten die over een half naakte medestudente lagen? Was dit het wilde studentenleven waarover Zalzi zoveel gehoord had?

Faunen waren gestoord. Wie bedacht het nu om zich tussen twee vechtende nachtelfen te komen? De trap raakte hem op zijn onderarm[1]. Het fauntje denderde tegen hem aan, waardoor Balthasar op zijn zij viel. De spreuk werd opgeheven en Balthasar voelde een stekende pijn door zijn arm schieten. Hij realiseerde zich in een waas dat Mirwen nu kon bewegen. Het was nu of nooit.

De elf uitte een dierlijke kreet en stortte zich op het meisje. Zo hard en snel hij kon, stak hij in op haar. Hij probeerde te mikken op haar hart, maar kon niet zien wat hij raakte. Misschien was het raak, of misschien was het haar gezicht of de faun. Het maakte niet uit. Als ze maar dood was, dan was alles opgelost. Dan kon ze geen wraak nemen. Dan zou hij veilig zijn. Dan zou alles opgelost zijn.
 1. D20: 7 gegooid
Attitude is a little thing that makes a big difference ~ Winston Churchill

[1][2]

De faun kwam dichterbij en probeerde haar te redden. Even leek dat ook daadwerkelijk te werken. Ze kwam los uit de verlamming en ze wilde overeind komen en hem het wapen ontnemen en de aanval terug inzetten. Dat ze onzedelijk erbij lag, dat was een latere zorg.

Balthasar was echter sneller dan ze ooit had kunnen verwachten. Waarschijnlijk had blinde paniek hem vleugels gegeven en zij lag in de onderspit delvende positie. Zij moest van rugliggende positie overeind komen en nog de hele situatie overzien. Half overeind zittend werd er nu op haar ingestoken. Ze had een paar puntdiepe verwondingen, die ook op haar ribben waren afgeketst, maar een enkele steek had zich tussen de ribben door weten te dringen en haar dodelijk weten te raken.

Naar adem snakkend viel Mirwen weer op de grond. Ze hoestte ratelend en schuimend bloed kwam op, stroomde over haar lippen en haar ogen versperden zich.[3][4] Ze had het geluk al iets eerder naar het gemak te zijn geweest en de vernedering van in doodsangst alles  te laten lopen werd haar bespaard.

En toen was alles voorbij. De prinses lag levenloos op de grond.
 1. Ik rol met een d20. 1 t/m 5: Ze is op slag dood. 6 tm 10: Ze lijdt alvorens ze alsnog snel sterft. 11 tm 15: Ze is zeer ernstig verwond, maar kan het redden met snelle medische hulp. 16 tm 18: Ze is nauwelijks geraakt 19: Rick/ Balthasar zelf is geraakt 20: niemand is geraakt
 2. 7
 3. Ik gebruik een d6. 1-3 wel 4-6 niet
 4. 5

Het ging allemaal zo snel. Rick was opzij gevallen in zijn poging Balthasar bij Mirwen weg te duwen en was nog bezig overeind te krabbelen toen de nachtelf hem weer opzij duwde en naar Mirwen uithaalde. Hij deed nog een wanhopige poging de ander tegen te houden, maar was geen partij voor de veel grotere jongen.

Toen hij eindelijk overeind was en, nauwelijks beseffend wat er gebeurde, Balthasar weer van Mirwen af probeerde te duwen, zag hij het bloed. Tranen schoten in Ricks ogen en hij gaf Balthasar nog een zet. 'Moordenaar!' schreeuwde hij. 'Je hebt haar vermoord! Moordenaar!' Een angstige gedachte drong tot hem door. Zou Balthasar nu ook hem willen doden, omdat hij tussenbeide gekomen was?
Een grap moet kunnen, toch?

Bloedspetters vlogen op bij iedere keer dat het mes uit het warme vlees werd getrokken en de fee wist niet waar hij heen moest kijken. Hij stond doodstil, terwijl nog een paar keer het mes in het meisje werd gestoken. De fee kon niets anders doen dan naar het mes kijken en werd pas uit die trance gerukt toen Rick overeind kwam en moordenaar begon te roepen.
Rick had gelijk gehad, Zalzi had meneer Tupac moeten halen. Het was nu te laat daarvoor. Zou hij de decaan telepatische kunnen roepen, iemand die hij nog niet eens had gesproken? Ongetwijfeld niet. Er was dus nog maar een ding wat de fee kon doen. Redelijk hard en ongericht stuurde hij de boodschap Gewonden in huisje vijf! naar iedereen die het maar horen kon[1]. Geen idee bij wie de boodschap allemaal zou aankomen. Maakte dat uit?

Dit alles had slechts secondes geduurd nadat Rick “Moordenaar!” had geroepen. Hij riep het nog een keer toen Zalzi weer bewoog. Richting het meisje. Zalzi had enkele lessen geneeskunde gehad nu, de fee kon misschien iets doen.. Jammerlijk genoeg dat de eerste regel altijd gold jezelf niet in gevaar brengen. En aangezien Batlazar daar nog was met een mes in zijn handen, durfde de fee niet verder te gaan dan een stap over de drempel. Alleen vanaf een afstandje durfde hij de kijken naar de hooghartige nachtelfin. Er was geen ademhaling meer zichtbaar en Zalzi had al wel zoveel kennis dat dat cruciaal was om te leven… Ze was dood.
 1. Dobbelen maar wie dit kan horen?
« Laatst bewerkt op: 6 jaar geleden door Zalzi Malt »

Moordenaar. Hij was een moordenaar. Ze was dood. Balthasar knipperde met zijn ogen. Het was alsof hij wakker werd. Rick noemde hem een moordenaar. Hij had het gezien. Waarom lag Mirwen daar eigenlijk op de vloer? Ja, hij had haar geraakt. Ze had hem bedreigd, ze had dood gemoeten. Dat was de enige oplossing. Dood. Waarom stonden er ineens twee anderen in de kamer? Waarom leefden ze nog? Balthasar liep achteruit, met zijn rug richting het raam. Hij hief de briefopener.

Wat grappig, het bloed zakte langzaam richting zijn hand. Maar veel minder snel dan water deed. Nu hij er over nadacht: alles ging langzamer dan normaal. En toen was het weer normale snelheid. Mirwen was dood, hij was de moordenaar. Ze zouden komen en hem martelen en doden. En ze zouden zijn zoon doden, nog voor die geboren was. En die twee hadden alles gezien. 'Dood,' grauwde hij. Als zij dood waren, zouden ze niet te weten komen dat Balthasar het gedaan had. Dan zou alles ongedaan gemaakt kunnen worden.

De nachtelf grauwde nog eens. Toen zette hij zich af. Hij stapte half op een hand van Mirwen, struikelde en probeerde uit te halen naar de faun. Hij merkte niet of hij iets raakte[1]. Hij kon nog net staande blijven, maaide om zich heen in de richting van de fee[2] en probeerde de kamer uit te krijgen. Hij moest hier weg. Het huis uit. Weg voor de wraak.
 1. (2) -2 aftrek. Winst bij hoger dan 5
 2. (8) -2 aftrek. Winst bij hoger dan 5
Attitude is a little thing that makes a big difference ~ Winston Churchill

De nachtelf bleef gewoon overeind, ondanks de duw die Rick hem gegeven had. Hij draaide zich om en Rick zag, door zijn tranen heen, de waanzinnige blik in diens ogen. Of was het berekening? Pure nachtelfenslechtheid? Ineens angstig deinsde Rick achteruit, tot hij hard tegen een tafel bonkte. Pijn schoot door zijn rug heen. Twee passen voor hem lag Mirwen, aan de andere kant van haar dode, bebloede lichaam, bewoog Balthasar zich.

Toen pas had Rick door dat ook Zalzi nu in de kamer was. Hij zag de zwaai van Balthasars arm, het mes dat in Zalzi's richting ging. 'Kijk uit!' schreeuwde hij en voelde wanhopig om zich heen naar iets waarmee hij de nachtelf tegen kon houden. Op de tafel die in zijn rug prikte, lagen boeken. Zijn hand vond een dichtgeslagen exemplaar en met alle kracht die hij in zich had gooide hij het boek naar het achterhoofd van de nachtelf.[1] Zelf sprong hij er meteen achteraan. Hij moest Balthasar tegenhouden, voor er nog meer doden vielen!
 1. (10) -1 aftrek. Winst bij hoger dan 5
Een grap moet kunnen, toch?