Welkom, reiziger. [Log in] of [registreer je]. [Activerings-mail niet ontvangen?]


home
contact
chat
2
1
1
Stuur bladwijzer

Iemand op de hoogte brengen van dit topic? Iemand vragen om hier een bijdrage te plaatsen? Stuur een bladwijzer!

Leerling wachter op eerste ronde.  (612 keer gelezen)

Speeldatum: 4 februari 1299 (Einde winter)

0 leden en 1 reiziger bekijken dit verhaal.

« [] : 6 jaar geleden »
Za'Dar had de afgelopen weken vooral meegetraind met de wachters. Ze hadden hem het ritme aangeleerd en hij had wat bijles gekregen in de titels, rangen en manier van aanspreken hier. De Macji vond het allemaal wat overdreven en onzinnig. het tonen van respect begreep hij heus wel, maar daar bleef het wel een beetje bij. Hij begreep niet dat een paar woordjes iemand konden maken of breken. Dat het zo belangrijk was iemand op een bepaalde manier aan te spreken, maar blijkbaar waren dat de gebruiken van de paarden en geiten en anders soortige wezens hier.

En nu had hij dan eindelijk zijn eerste dienst. Het was de eerste keer dat hij onder de leerlingen mocht komen. Za'Dar was benieuwd. Hij was er op voorbereid dat hij veel verschillende rassen zou gaan ontmoeten en dat ze hem waarschijnlijk niet zouden vertrouwen, maar aan het wantrouwen was hij inmiddels wel gewend. Dat had hij al gehad sinds hij de zee was overgestoken en eigen daarvoor ook al in zijn thuisland. Dat wantrouwen en de beledigingen raakten hem niet meer en hij bleef een trots wezen. Trots op zijn ras en zijn kracht. En zo liep hij over het terrein, klaar voor de eerste ontmoetingen.

Een gnoom die zich in een verdwaald appelboompje had verschanst voor een boze socophonner, kreeg opeens het katwezen in het oog. Hij had het wezen al eens eerder gezien, meende hij, maar nooit alleen en nooit met een wachtersuniform aan. Wie had dat nou weer bedacht?
Anders fronste. Katten als wachters, dat was bijna net zo erg als weerwolven als wachters. Ze waren veel te opmerkzaam.

De jongen klom uit de boom, keek even om zich heen en zocht toen wat hij zocht: een stevige tak. Hij voelde even aan het uiteinde. Niet heel puntig helaas, maar het voldeed wel. Zo onopvallend mogelijk kuierde de jonge gnoom in de richting van het katwezen. Hij was duidelijk niets van plan.

Za'Dar hoorde zeker wel iets. Zijn oren draaide bij naar het geluid en hij was alert. Hij was altijd al redelijk alert, maar op zo'n eerste ronde lette hij natuurlijk al helemaal goed op. Hij liep voorlopig nog rechtdoor en luisterde naar de stappen. Die kwamen zijn kant op en leken achter hem aan te komen.

De kat vertraagde zijn pad iets wat en subtiel en toen de voetstappen dichtbij genoeg leken, draaide hij zich in één keer om en stond oog in oog met een... ja wat eigenlijk.. een lelijke kabouter, daar leek het nog het meest op.
"Wat kan ik voor je doen?", vroeg hij met een redelijk accent op zijn Latijn.

"Het sprak!" constateerde Anders verbaasd en - zonder het door te hebben - hardop. Hij kneep zijn oogjes tot spleetjes. Vervolgens begon er schrik en angst door te sijpelen in zijn geest. Een wat late reactie.. Verroest, dat dier was snel! De gnoom vroeg zich plotseling af of hij de wel stok zou gebruiken om het wezen te porren, zoals hij van plan was geweest. Ergens leek dat een wat gevaarlijke handeling.

Alsof hij het al die tijd al van plan was geweest, brak hij de tak doormidden. Een stuk gooide hij opzij, terwijl hij met het andere stuk wat ronddraaide.
En nu?

"Goedendag!" zei Anders hoffelijk en maakte zich toen snel uit de voeten. Deze kat wilde hij eerst wat langer van een afstandje bekijken, besloot hij.

Iets wat spottend, maar vooral heel erg geamuseerd keek Za'Dar naar de kleine lelijke kabouter. Ja, hij sprak. Blijkbaar dachten ze dat ze hier een kat een kunstje hadden geleerd en hem op zijn achterpoten lieten lopen, maar dat hij verder geen normale myrofas was. Ach ja.

Met zijn ogen volgde hij de handelingen met de takken, die de macji niet helemaal begreep, maar voordat hij ernaar kon vragen, maakte de jongen zich met een groet alweer uit de voeten. De macji grijnsde even, zette zich op alle vier zijn ledematen en zette de achtervolging in. Met een grote sprong 'vloog' hij over het kleinere wezentje heen en hij draaide zich om. Hij bleef gehurkt zitten zodat hij ongeveer op een gelijke lengte was als de ander. "Wat was je van plan?", vroeg de kat nieuwsgierig, want dat was ergens wel duidelijk geweest. "En mag ik vragen wie en wat je bent? Ik ben Za'Dar, aangenaam." Hopelijk kwam hij nu niet al te angstaanjagend over.

Anders kreeg bijkans een hartverzakking. Waarom had hij nou de andere helft van de tak ook weggegooid?

"Niets," zei de gnoom zonder met zijn ogen te knipperen. Liegen was nu eenmaal iets dat je in de Holt-familie heel vroeg en heel snel leerde. "Ik liep gewoon met een stok. Handige dingen." Hij haalde nonchalant zijn schouders op.

De kat was aardig want hij gaf Anders de gelegenheid om er snel overheen te praten. "Ik ben Anders. Anders Holt. Eerstejaars merifel." Dat was wie en wat hij was. Maar als de kat vragen mocht stellen, dan mocht hij dat ook. "Wat is een za dar?" vroeg de gnoom op zijn beurt.

Misschien waren kleine lelijke mannetjes toch vreemder en anders dan Za'Dar had gedacht. Hij heette ook anders. Dus dat kwam dan aardig overeen met zijn karakter. grappig. Zou iedereen hier zijn vernoemd naar zijn karakter? Of in ieder geval deze mannetjes. Ach, het maakte ook niet uit. Stokken waren inderdaad handig. Onderwerp afgesloten.

"Mijn naam is Za'dar", legde de Macji uit. "Mijn ras is een macji en wat ben jij?" Nu ze toch aan het praten waren konden ze net zo goed van elkaar leren. "Merifel was de magie afdeling, toch?" Dat was dan wel indrukwekkend aan dit wezentje. "Ben je al machtig?"

"Joh, wat denk je zelf?" flapte Anders eruit. "Ik zit nog maar in mijn eerste jaar hoor. Ik mocht willen dat ik machtig was. Ik zit nog steeds te knoeien met die magie. Tetachan Mocha is machtig. Of Ajith Mairtín. En heer Amèl. Dat zijn de myrofas die met magie werken alsof het klei is."

Hij bekeek de kat nog eens. "Ik heb nog nooit een macji gezien. Zijn er veel van?" Het was niet echt een schoonheid, deze Za'dar, maar snel was ie wel. Het kon geen kwaad om de banden wat aan te halen. Machtig werd je vooral door de goeie connecties tenslotte. "Ik ben een gnoom," meldde hij voor de volledigheid. "We komen uit het oosten."

Nillai was met Za'Dar meegegaan op zijn eerste ronden, of eigenlijk mocht Za'Dar met Nillai mee, maar dat waren details die er niet toe deden. Geamuseerd keek de kapitein naar de Macji die reageerde op een Gnoom. Het was mooi om te zien hoe de katachtige bewoog en over het mannetje heen was gesprongen.

Rustig kwam Nillai dichterbij en keek naar het tweetal. Za'Dar leek erg geïnteresseerd in de magie die myrofas deden. En dan was Nillai zelf ook niet zo machtig, de namen die de gnoom als voorbeeld gebruikte waren nog veel beter. De dingen die Nillai deed waren maar basis dingen, hij was er niet in gespecialiseerd, het was vooral praktisch om te kunnen teleporteren en telepatische boodschappen te sturen. Stiekem kreeg de kapitein een ideetje. Hij zou de Macji eens gaan verrassen als het gesprek ten einde liep.

"Hmm, misschien moet ik eens met die personen gaan praten." Hij wilde wel zo'n machtige magiër ontmoeten. "Is dat moeilijk? magie leren?" Blijkbaar wel, want de jongen leek haast verbaasd omdat Za'Dar had gevraagd of hij machtig was, maar ze zouden toch niet iedereen dat onderwijs geven? Alleen de personen die uitblonken en een groot talent hadden? Dat was in ieder geval wat de wijzen in zijn clan deden.


Za'Dar schudde zijn hoofd "In Mircam nog geen tien op dit moment. In Svitine misschien zo'n twintig en dan de zee over.. daar zijn er wel heel veel, hoe verder naar het Zuiden, hoe meer er zijn, maar hoeveel." Dat kon de kat echt niet zeggen. Hij wist niet eens of de aantallen die hij genoemd had tot op de dag van vandaag nog klopten. "Zijn er veel gnooms?" Za'Dar snoof een beetje en ontspande wat meer. De anders gnoom leek niet echt gevaarlijk te zijn en meer een grappig wezentje te blijven.

De gnoom keek de kat verbaasd aan. "Waarom zou je niet met ze mogen praten? Je bent een volwassen man, ze zullen je heus niet wegsturen, hoor. Het zijn docenten, ze vinden het veels te mooi als ze over hun vak mogen vertellen. Ik kan je wel een introductie geven.."

Een briljante ingeving, Anders, complimenteerde de gnoom zichzelf. Als hij de kat een introductie gaf, dan stond de man een beetje bij hem in het krijt. Zoiets was nooit verkeerd.

Er volgde een geografische uiteenzetting die de gnoom niet echt kon volgen. Hij had geen idee waar Svitine lag, noch wist hij welke zee Za'dar precies bedoelde. Niettemin knikte hij heel begrijpend.
Of er veel gnomen waren? "Geen idee," zei Anders een beetje verrast door de vraag," ik denk wel duizenden. Ik heb ze nooit geteld eigenlijk. En hier ben ik de enige geloof ik."

Za'Dar trok zijn wenkbrauw op. Hij had nooit gezegd dat hij dacht dat hij niet met de grote magiërs te mogen praten. Misschien had de gnoom hem door zijn accent verkeerd verstaan. Hij ging dus maar in op het interessante deel van het antwoord. "Een introductie lijkt me interessant."

Dus de gnoom was hier de enige van zijn soort net als dat Za'Dar dat was. "Dan zijn wij broeders in eenzaamheid." Het was voor de cultuur van de kat een logische conclusie. "Welke wezens zijn hier het meest? Ik zie veel puntoren en slangmannen, geitmannen en paardmannen." Die laatste drie vielen ook gewoon het meest op misschien.

"Elfen denk ik," zei Anders. "Er wonen veel landelfen hier in Mircam en er zijn ook wat luchtsteden geloof ik. En dan heb je nachtelfen uit Hazdor, maar die gaan vaak ook naar Allesunde. Dat is een andere school. En veel centauren ja. Ook uit Mircam en Almaria en soms uit Cedorilian. Maar ook veel weerwolven. Ze lijken op mensen. Volgens mij is Bum de enige school waar ze toegelaten worden. Ze hebben altijd ruzie met vampiers. Dat zijn de bleekscheten, maar daar zijn er nu een stuk minder van. Vroeger was hier een vampier de baas, toen waren er meer zeggen ze."

Anders haalde zijn schouders op. "Ze denken allemaal dat ze vreselijk belangrijk zijn. Vooral de nachtelfen en de landelfen. Alsof ze de wereld zelf geschapen hebben."

Za'Dar knikte en luisterde naar de uitleg van de jonge gnoom. "Jij bent het daar niet mee eens? Wie zijn volgens jou het dominante ras?" Deze jongeling was handig. Anders gaf hem vrijwillig veel informatie die hij nodig had. Het gaf de macji zaken waar hij over kon nadenken.

"Maar je had het over een introductie over magie?" Zou dat nog komen of zou de gnoom daar een andere afspraak voor willen maken. Za'dar wist niet hoe ingewikkeld het zou zijn. Hij sloeg zijn staart om zich heen. Zo laag op de grond zitten was immers koud en hij hield niet van kou. Gaf hem maar een warme haard waar hij voor kon gaan liggen en zich kon opkrullen.

Za'Dar was erg geïnteresseerd in magie, iets wat Nillai handige informatie vond om te weten. Het was goed van Anders om een gesprek met de Macji aan te knopen, het gaf de kapitein informatie over de jongen die hij anders zelf had moeten vragen.

Zo, Za'Dar je bent dus erg geïnteresseerd in magie? De stem van Nillai klonk in het hoofd van Za'Dar. Weet je of je zelf magisch bent, of niet? Zoiets was vast wel te testen, als je wist bij wie je moest zijn. Ajith kon dat wel testen, dacht de kapitein, of Tetachan met haar elixers of Vigo. Het waren alledrie grote magiërs, op hun eigen manier.