Welkom, reiziger. [Log in] of [registreer je]. [Activerings-mail niet ontvangen?]


home
contact
chat
2
1
1
Stuur bladwijzer

Iemand op de hoogte brengen van dit topic? Iemand vragen om hier een bijdrage te plaatsen? Stuur een bladwijzer!

Wat een heerlijkheid.  (423 keer gelezen)

Speeldatum: 2 januari 1299

0 leden en 1 reiziger bekijken dit verhaal.

« [] : 6 jaar geleden »
Het was nog heel erg begin Januari. Het was een dag nadat Mahtan uit het bos was terug gehaald en op de ziekenzaal had kunnen opwarmen. Het was het zoveelste incident met deze man. Kyna had een net en behoorlijk rapport over de man geschreven, waarin ze heel objectief en professioneel was. Dat had ze bij de schoolhoofden ingediend.

Met een kleine glimlach, die hopelijk niet haar plezier in deze situatie verraadde liep Kyna de ziekenzaal binnen. "Goedemorgen heer Carathin, hoe maakt u het vandaag? Bent u er al klaar voor om naar huis terug te gaan?" De fee maakte een zwierige knix voor de bejaarde en liep toen opgewekt tot aan de bedrand. Ze liet een teil met water die op een zijtafeltje stond vullen met water, zodat de man straks de gelegenheid had zich iets op te frissen.

« [Reactie #1] : 6 jaar geleden »
"Uw vriendelijkheid doet mijn hart opspringen van vreugde, vrouwe geneesheer. En inderdaad, ik denk dat ik voldoende opgeknapt ben om dit bed voor andere bezoekers open te stellen."

Met alle liefde zelfs. Hij was niet erg enthousiast geweest toen bleek dat hij de nacht moest doorbrengen op de ziekenzaal, maar met Ravaora erbij had hij niet geweigerd. Bovendien was hij er moe van met de arts te vechten.

"Hoe is het met mijn hand gesteld? Is hij nog bruikbaar of heb ik in mijn enthousiasme teveel schade toegebracht?" Hij voelde het lichaamsdeel in elk geval weer. Het tintelde en stak.[1]
Mahtan zorgde dat hij het initiatief nam door te informeren naar zijn hand, want hij had een donkerbruin vermoeden dat hij het initiatief straks kwijt zou zijn. Als hij de arts een beetje inschatte, zou ze het niet kunnen laten om allerlei vragen te stellen.
 1. vermoed ik

« [Reactie #2] : 6 jaar geleden »
"Oh, uw hand komt er wel weer bovenop, Heer Carathin, zeker wel, dat wel. Er zullen wat littekens achterblijven en misschien is de hand wat lastiger te gebruiken, maar dat moet weer helemaal in orde komen." De fee glimlachte zo stralend dat het haast eng(er dan normaal) werd.

"U mag zich zo opfrissen en omkleden, daarna zal u ontslagen worden uit de ziekenzaal." Oh ze was zo opgewekt en vrolijk. Vragen kwamen niet, wel een opmerking.
"Oh en voordat ik het vergeet. Het zwarte schoolhoofd heeft gevraagd of u haar een bezoekje wilt brengen. Vandaag nog, nadat u de zaal verlaten heeft. Een prettige dag nog." En brede lach volgde en daarna wandelde Kyna de kamer uit.

« [Reactie #3] : 6 jaar geleden »
"Dat is goed nieuws," zei Mahtan met een glimlachje. Het glimlachje was er een van het kunstmatige soort. De vrolijkheid van de fee sprak boekdelen, was tegen het onbeschofte aan. Kennelijk had de arts besloten alle professionaliteit - waar ze toch al niet veel van had - opzij te zetten en haar ware aard te tonen. Merkwaardig, ergens had hij gedacht dat ze nooit zó ver zou zinken.

De landelf friste zich op, maakte zijn bed op en verliet de ziekenzaal. Hij nam de tijd om langs het gemak te gaan en begaf zich daarna naar de zwarte toren. Een klop op de deur en een binnen later, stond hij tegenover de phaosfee. Hij boog zoals een heer betaamde.
"Ik heb begrepen dat u me wilde spreken, vrouwe Luthés," sprak hij.

« [Reactie #4] : 6 jaar geleden »
De phaosfee stond op toen de mentor binnenkwam. Ze gaf hem een knikje en sprak "Ah, fijn dat u zo snel kon komen, Heer Carathin, neemt u toch plaats. Heeft u er misschien behoefte aan iets te drinken?" Normaal was de vrouw niet zo gul met versnaperingen, maar de man kwam net van de ziekenzaal en dit zou geen alledaags gesprek worden.

Nadat er wel of niet wat te drinken was ingeschonken, nam Maida weer plaats op haar zetel. "Het klopt dat ik u wilde spreken." Het schoolhoofd pakte een dossiermap en opende het. "U bent hier nog niet lang en in korte tijd heeft u het ene na het andere incident gehad. Incidenten met de dokter, met leerlingen en nog de laatste van uw wandeling." De vrouw liet niets van een mening hierover merken. "Dus voor het nieuwe jaar van start gaat, wil ik graag met u uw functioneren bespreken en het ook hebben over de toekomst. En voordat ikzelf hierover verder ga, wil ik graag uw eigen mening horen wat betreft uw afgelopen tijd hier en uw het doet in uw functie als decaan?"

« [Reactie #5] : 6 jaar geleden »
"Nee, dank u. Ik ben op de ziekenzaal al ruim voorzien," sloeg Mahtan het aanbod af. Hij nam plaats en luisterde. Het was even stil toen de phaosfee was uitgesproken. Uiteindelijk nam de Socophonmentor het woord.

"U bent to the point. Dat waardeer ik. Het is een gave die weinig dagwezens hebben, waardoor ze vijf minuten nodig hebben om een aanloop te nemen tot datgene wat ze willen zeggen." Hij keek het schoolhoofd aan, peinzend. Peilend.
"Een wandeling in de vrieskou maakt het hoofd helder. Een nacht wakker liggen in de ziekenzaal zet dingen in perspectief."

Weer was het stil. Wat hij gisteren tegen Ravaora had gezegd, dat dacht hij nog steeds, maar hier, tegenover het zwarte schoolhoofd, was er de trots, de koppigheid die bovenkwam. Het idee om zwakte toe te moeten geven aan een nachtwezen... zo vernederend. Maar misschien was het tegenover Von Nook nog wel erger geweest.

"Mijn functioneren.." De landelf zuchtte. Zweeg.

« [Reactie #6] : 6 jaar geleden »
Een kleine glimlach was de beloning voor het compliment aan haar adres. De vrouw wist van zichzelf dat ze direct was. Vast niet alle wezens konden dat waarderen en de teerhartigen zouden haar er ongetwijfeld om vrezen, maar het was niet anders. Ze schetste de zaken zoals ze waren. Niet bot of lomp en niet in fluwelen doeken verpakt.

Maida knikte nu. De man gaf aan dat hij had nagedacht en de zaken nu ook voor hem in het juiste licht kon plaatsen. Ze was dus benieuwd naar de conclusie die hieruit zou volgen, maar het bleef stil. Ook de phaosfee zweeg. De man zuchtte en dat betekende vaak zoveel als dat het hem zwaar lag om erover te spreken. Ze gaf hem geen comfortabele woorden en geruststellingen en ook geen aanmoedigingen om te vertellen. Het heerschap voor haar was een volwassen man en kon heus zichzelf wel aansporen en zichzelf zover krijgen een antwoord te geven op haar vraag.

« [Reactie #7] : 6 jaar geleden »
"Ik vrees dat ik niet geschikt ben voor het mentoraat. Niet van Socophon in ieder geval...," zei hij peinzend. "Misschien ben ik te oud. Te streng. Ik begrijp de leerlingen niet, zij mij kennelijk nog minder. Om nog maar te zwijgen van het feit dat ik Rathiain Negorid niet ben. Misschien.. als ik anders was begonnen.. Ze zijn zo jong, zo weinig volwassen, zo... ongeleid projectiel. In mijn herinnering waren jongeren anders."

Hij keek op, plotseling, alsof hij in gedachten was geweest en nu weer terug was in de werkelijkheid.

"Dit is niet de goede plek voor een man als ik. Ik ben niet een geschikte mentor. Er is een kloof tussen mij en de leerlingen die ik niet kan dichten en dat terwijl juist mijn afdeling behoefte lijkt te hebben aan een betrokken mentor.
Bovendien... ik tors teveel mee. Ik meende dat ik het goed had weggestopt, maar het komt bovendrijven. Alsof deze omgeving alles terugbrengt...

Vrouwe Luthés, ik maak me geen illusies. De vrolijkheid van de arts sprak boekdelen. Ik zal mijn spullen pakken en uw dienst verlaten. U zult merken dat de leerlingdossiers op orde zijn."

« [Reactie #8] : 6 jaar geleden »
Maida vond het nog meevallen hoelang het duurde totdat de man antwoord gaf. Zijn antwoord was duidelijk en helder. De man had er goed over nagedacht. Ze knikte begrijpend en instemmend. Dit gesprek had meerdere uitkomsten kunnen hebben, maar de incidenten samen met de woorden van de man maakte de conclusie duidelijk. De phaosfee zou morgenvroeg meteen een vacature uit laten zetten. Het vinden van een mentor was geen eenvoudige klus en in het begin van een schooljaar geen mentor hebben kon funest zijn.

"Dan lijkt het me duidelijk, heer Carathin. Ik wil u bedanken voor de tijd die u hier gewerkt heeft. Ik geef u tot het eind van de vakantie, 14 januari om precies te zijn, om alle zaken op orde te stellen. Denkt u dat dat genoeg is?" Het was een kleine 12 dagen. "Heeft u verder nog vragen? Mocht u een nieuwe werkplek krijgen, zal ik u uit respect en goede wil wel een positieve referentie geven."

« [Reactie #9] : 6 jaar geleden »
"Dat is ruim voldoende, vrouwe." Hij stond op van zijn stoel. "Ik zal er zorg voor dragen dat mijn opvolger alle informatie tot zijn beschikking heeft die nodig is." De leerlingdossiers waren bijgewerkt en Mahtan zou bovendien nog precies rapporteren welke lesstof hij dat jaar behandeld had. Dat moest voldoende zijn.

"Ik heb hier ook met plezier gewerkt, vrouwe. Ik beschouw het niet als een verloren jaar. Ik hoop dat mijn leerlingen dat ook kunnen zeggen." Hij keek ernstig. "Ik denk erover om een functie als docent te zoeken op Ypsilon. Niet meteen, wellicht later, als ik weer in goeden doen ben. Ik hoop dan van uw aanbod gebruik te kunnen maken."

Hij boog. "Vrouwe Luthés." En verliet de kamer. Mentor-af.
Een hart vol spijt maar twee lege schouders rijker.